BWBR0003936
Geldig vanaf 1986-04-15
Artikel 6
Besluit voorkoming olieverontreiniging door schepen
1. a. De inspecteur-generaal kan een daartoe bevoegde regering verzoeken de onderzoeken als bedoeld in artikel 4 uit te voeren en het certificaat als bedoeld in artikel 5 af te geven, of, voorzover van toepassing, een aantekening te plaatsen.
b. Op verzoek van de daartoe bevoegde buitenlandse regering kan namens de inspecteur-generaal een schip dat niet gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren, aan de in artikel 4 genoemde onderzoeken worden onderworpen en ten behoeve van dat schip een certificaat als bedoeld in artikel 5, worden afgegeven, of, voorzover van toepassing, een aantekening worden geplaatst. Indien het een communautair schip als bedoeld in artikel 2 van richtlijn nr. 96/98/EG betreft, moet uitrusting als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, onderdeel a, zijn voorzien van het in dat artikel bedoelde merk van overeenstemming. Indien het een schip betreft dat een vlag voert van een van de andere lidstaten van de Europese Unie, zijn ten aanzien van de uitrusting, bedoeld in bijlage A.1/2 de desbetreffende voorschriften van het Verdrag van toepassing.
2. In het geval genoemd in het eerste lid onder bwordt een afschrift van het certificaat en een afschrift van het rapport van onderzoek zo spoedig mogelijk toegezonden aan de regering die het verzoek heeft gedaan.
3. Een krachtens het bepaalde in het eerste lid, onder b, afgegeven certificaat zal een verklaring bevatten, inhoudende dat het is afgegeven op verzoek van de betrokken regering.
4. Er wordt geen certificaat als bedoeld in artikel 5afgegeven aan een schip dat gerechtigd is de vlag te voeren van een staat, die geen partij is bij het Verdrag.
b. Op verzoek van de daartoe bevoegde buitenlandse regering kan namens de inspecteur-generaal een schip dat niet gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren, aan de in artikel 4 genoemde onderzoeken worden onderworpen en ten behoeve van dat schip een certificaat als bedoeld in artikel 5, worden afgegeven, of, voorzover van toepassing, een aantekening worden geplaatst. Indien het een communautair schip als bedoeld in artikel 2 van richtlijn nr. 96/98/EG betreft, moet uitrusting als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, onderdeel a, zijn voorzien van het in dat artikel bedoelde merk van overeenstemming. Indien het een schip betreft dat een vlag voert van een van de andere lidstaten van de Europese Unie, zijn ten aanzien van de uitrusting, bedoeld in bijlage A.1/2 de desbetreffende voorschriften van het Verdrag van toepassing.
2. In het geval genoemd in het eerste lid onder bwordt een afschrift van het certificaat en een afschrift van het rapport van onderzoek zo spoedig mogelijk toegezonden aan de regering die het verzoek heeft gedaan.
3. Een krachtens het bepaalde in het eerste lid, onder b, afgegeven certificaat zal een verklaring bevatten, inhoudende dat het is afgegeven op verzoek van de betrokken regering.
4. Er wordt geen certificaat als bedoeld in artikel 5afgegeven aan een schip dat gerechtigd is de vlag te voeren van een staat, die geen partij is bij het Verdrag.