BWBR0003779
Geldig vanaf 2005-12-20
Artikel 6a
Bevoegdhedenbesluit WPO
De bewijzen van bekwaamheid bedoeld in artikel 186, eerste lid, van de wet die, mits is voldaan aan de bij de desbetreffende bewijzen vermelde aanvullende voorwaarden, tevens bevoegdheid verlenen tot het geven van onderwijs in de Friese taal, zijn:
a. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd afsluitend examen in de studierichting die voorbereidt op het beroep van leraar basisonderwijs waarop is vermeld dat examen is afgelegd in het onderdeel Friese taal;
b. de akte van bekwaamheid als onderwijzer of volledig bevoegd onderwijzer met de op deze akte aangetekende bevoegdheid tot het geven van onderwijs in de Friese taal (aantekening w);
c. de akte van bekwaamheid als onderwijzer of volledig bevoegd onderwijzer waaraan niet tevens de bevoegdheid tot het geven van onderwijs in Friese taal is verbonden (aantekening w) tezamen met een verklaring dat de lessen in het vak Fries zijn gevolgd, uitgereikt door het bevoegd gezag van de hierna genoemde opleidingsscholen, in de daarachter genoemde jaren: - de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Claercamp" te Dokkum, 1976 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "De Him" te Sneek, 1977 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Heerenveen, 1978 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Drachten, 1979 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers van het Ichtus College te Drachten, 1980 en 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Mariënburg" te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rooms-katholieke opleidingsschool voor onderwijzers te Steenwijkerwold, 1982.
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Claercamp" te Dokkum, 1976 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "De Him" te Sneek, 1977 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Heerenveen, 1978 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Drachten, 1979 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers van het Ichtus College te Drachten, 1980 en 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Mariënburg" te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rooms-katholieke opleidingsschool voor onderwijzers te Steenwijkerwold, 1982.
d. de akte van bekwaamheid als onderwijzer, volledig bevoegd onderwijzer, hoofdonderwijzer, leidster bij het kleuteronderwijs of hoofdleidster bij het kleuteronderwijs, tezamen met - een verklaring waaruit blijkt, dat met gunstig resultaat een uit ’s Rijks kas bekostigde applicatiecursus Friese taal is gevolgd;
- een akte van bekwaamheid, diploma of getuigschrift als bedoeld in artikel 6 of
- een bewijsstuk waaruit blijkt, dat met goed gevolg de cursus post-hoger beroepsonderwijs Friese taal is doorlopen.
- een verklaring waaruit blijkt, dat met gunstig resultaat een uit ’s Rijks kas bekostigde applicatiecursus Friese taal is gevolgd;
- een akte van bekwaamheid, diploma of getuigschrift als bedoeld in artikel 6 of
- een bewijsstuk waaruit blijkt, dat met goed gevolg de cursus post-hoger beroepsonderwijs Friese taal is doorlopen.
a. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd afsluitend examen in de studierichting die voorbereidt op het beroep van leraar basisonderwijs waarop is vermeld dat examen is afgelegd in het onderdeel Friese taal;
b. de akte van bekwaamheid als onderwijzer of volledig bevoegd onderwijzer met de op deze akte aangetekende bevoegdheid tot het geven van onderwijs in de Friese taal (aantekening w);
c. de akte van bekwaamheid als onderwijzer of volledig bevoegd onderwijzer waaraan niet tevens de bevoegdheid tot het geven van onderwijs in Friese taal is verbonden (aantekening w) tezamen met een verklaring dat de lessen in het vak Fries zijn gevolgd, uitgereikt door het bevoegd gezag van de hierna genoemde opleidingsscholen, in de daarachter genoemde jaren: - de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Claercamp" te Dokkum, 1976 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "De Him" te Sneek, 1977 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Heerenveen, 1978 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Drachten, 1979 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers van het Ichtus College te Drachten, 1980 en 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Mariënburg" te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rooms-katholieke opleidingsschool voor onderwijzers te Steenwijkerwold, 1982.
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Claercamp" te Dokkum, 1976 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "De Him" te Sneek, 1977 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Heerenveen, 1978 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rijksopleidingsschool voor onderwijzers te Drachten, 1979 tot en met 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers van het Ichtus College te Drachten, 1980 en 1981;
- de Christelijke opleidingsschool voor onderwijzers "Mariënburg" te Leeuwarden, 1979 tot en met 1981;
- de Rooms-katholieke opleidingsschool voor onderwijzers te Steenwijkerwold, 1982.
d. de akte van bekwaamheid als onderwijzer, volledig bevoegd onderwijzer, hoofdonderwijzer, leidster bij het kleuteronderwijs of hoofdleidster bij het kleuteronderwijs, tezamen met - een verklaring waaruit blijkt, dat met gunstig resultaat een uit ’s Rijks kas bekostigde applicatiecursus Friese taal is gevolgd;
- een akte van bekwaamheid, diploma of getuigschrift als bedoeld in artikel 6 of
- een bewijsstuk waaruit blijkt, dat met goed gevolg de cursus post-hoger beroepsonderwijs Friese taal is doorlopen.
- een verklaring waaruit blijkt, dat met gunstig resultaat een uit ’s Rijks kas bekostigde applicatiecursus Friese taal is gevolgd;
- een akte van bekwaamheid, diploma of getuigschrift als bedoeld in artikel 6 of
- een bewijsstuk waaruit blijkt, dat met goed gevolg de cursus post-hoger beroepsonderwijs Friese taal is doorlopen.