BWBR0003779
Geldig vanaf 2005-12-20
Artikel 5d
Bevoegdhedenbesluit WPO
De bewijzen van bekwaamheid die bevoegdheid verlenen tot het geven van onderwijs in de Engelse taal zijn:
a. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd examen van de opleiding van de tweede fase tot leraar in het voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 18, derde lid, van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs, voor het vak Engels;
b. de akte van bekwaamheid van de derde graad, welke krachtens artikel III van de Wet van 4 juli 1985 (Stb. 1985, 408) tot uiterlijk 1 augustus 1989 kan worden uitgereikt, tot het geven van voortgezet onderwijs in het vak Engels;
c. de akte van bekwaamheid van de tweede graad, bedoeld in artikel 29, vierde lid onder a, van de Wet op het voortgezet onderwijs, tot het geven van voortgezet onderwijs in het vak Engels;
d. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen in een der taal- en letterkundige studierichtingen van de faculteit der letteren, indien in bezit van het bewijs van p.d.v. voor de Engelse taal en indien tevens: - het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
- het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
e. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen geschiedenis, kunstgeschiedenis en archeologie dan wel archeologie, indien in bezit van het bewijs van p.d.v. voor de Engelse taal en indien tevens: - het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
- het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
f. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen volgens het Academisch Statuut 1981, indien in bezit van het bewijs van p.d.v. voor de Engelse taal, behaald vóór 1 september 1986, en indien tevens: - het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
- het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
g. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen, bedoeld in het Academisch Statuut 1963, waarop de aantekening, bedoeld in artikel 101, eerste lid van het Academisch Statuut 1981, is geplaatst ten bewijze dat met goed gevolg is afgelegd het examen voor leraar in het vak Engels;
h. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen, bedoeld in het Academisch Statuut 1981, waarop de aantekening, bedoeld in artikel 101, eerste lid van het Academisch Statuut 1981, is geplaatst ten bewijze dat met goed gevolg is afgelegd het examen voor leraar in het vak Engels;
i. de akte van bekwaamheid B tot het geven van middelbaar onderwijs in de Engelse taal en letterkunde, tevens zijnde Q (schoolakte Engels m.o. B);
j. de akte van bekwaamheid A tot het geven van middelbaar onderwijs in de Engelse taal en letterkunde, tevens zijnde Q (schoolakte Engels m.o. A);
k. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de vierjarige deeltijdse studierichting leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad in Engels;
l. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de tenminste tweejarige deeltijdse studierichting leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Engels;
m. de akte van bekwaamheid tot het geven van lager onderwijs in de Engelse taal (akte n);
n. de verklaring van het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen, dat in de cursusjaren 1971 tot en met 1973 met gunstig resultaat de mto-applicatiecursus voor avo leraren is gevolgd in Engels;
o. de akte van bekwaamheid van de tweede graad in twee vakken, waaronder het vak Engels, dan wel akte van bekwaamheid van de tweede graad in het vak Engels tevens getuigschrift tot het geven van godsdienstonderwijs, uitgereikt door de instituten voor opleiding van leraren die uit de openbare kas bekostigd zijn krachtens de Experimentenwet onderwijs (zgn. NLO’s);
p. de akte van bekwaamheid van de derde graad in twee vakken, waaronder het vak Engels, dan wel akte van bekwaamheid van de derde graad in het vak Engels tevens getuigschrift tot het geven van godsdienstonderwijs, uitgereikt door de instituten voor opleiding van leraren die uit de openbare kas bekostigd zijn krachtens de Experimentenwet onderwijs (zgn. NLO’s);
q. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de vierjarige voltijdse studierichting opleiding tot leraar voortgezet onderwijs in de tweede graad, samengesteld uit twee studierichtingsdelen, waarvan de inhoud van het ene studierichtingsdeel (vak) mede is gericht op het geven van middelbaar beroepsonderwijs en de inhoud van het andere studierichtingsdeel (vak) niet mede gericht is op het geven van middelbaar beroepsonderwijs, en het vak Engels daarvan deel uitmaakt;
r. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de vierjarige voltijdse studierichting opleiding tot leraar voortgezet onderwijs in de tweede graad in Engels;
s. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd afsluitend examen van de opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad in Engels;
t. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd examen van de opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Engels;
u. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd examen van de universitaire eerstegraads lerarenopleiding Engels.
a. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd examen van de opleiding van de tweede fase tot leraar in het voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 18, derde lid, van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs, voor het vak Engels;
b. de akte van bekwaamheid van de derde graad, welke krachtens artikel III van de Wet van 4 juli 1985 (Stb. 1985, 408) tot uiterlijk 1 augustus 1989 kan worden uitgereikt, tot het geven van voortgezet onderwijs in het vak Engels;
c. de akte van bekwaamheid van de tweede graad, bedoeld in artikel 29, vierde lid onder a, van de Wet op het voortgezet onderwijs, tot het geven van voortgezet onderwijs in het vak Engels;
d. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen in een der taal- en letterkundige studierichtingen van de faculteit der letteren, indien in bezit van het bewijs van p.d.v. voor de Engelse taal en indien tevens: - het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
- het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
e. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen geschiedenis, kunstgeschiedenis en archeologie dan wel archeologie, indien in bezit van het bewijs van p.d.v. voor de Engelse taal en indien tevens: - het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
- het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
f. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen volgens het Academisch Statuut 1981, indien in bezit van het bewijs van p.d.v. voor de Engelse taal, behaald vóór 1 september 1986, en indien tevens: - het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
- het doctoraal examen of het kandidaatsexamen is afgelegd in de desbetreffende taal, of
- indien de taal- en letterkunde van de taal (in volle omvang) bijvak was van het doctoraalexamen, en tevens blijkens aantekening van de bevoegdheid op het getuigschrift, ter beoordeling van de betreffende subfaculteit voldoende bewijzen zijn geleverd van de kennis der hedendaagse taal en vaardigheid in het gebruik daarvan;
g. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen, bedoeld in het Academisch Statuut 1963, waarop de aantekening, bedoeld in artikel 101, eerste lid van het Academisch Statuut 1981, is geplaatst ten bewijze dat met goed gevolg is afgelegd het examen voor leraar in het vak Engels;
h. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd doctoraalexamen, bedoeld in het Academisch Statuut 1981, waarop de aantekening, bedoeld in artikel 101, eerste lid van het Academisch Statuut 1981, is geplaatst ten bewijze dat met goed gevolg is afgelegd het examen voor leraar in het vak Engels;
i. de akte van bekwaamheid B tot het geven van middelbaar onderwijs in de Engelse taal en letterkunde, tevens zijnde Q (schoolakte Engels m.o. B);
j. de akte van bekwaamheid A tot het geven van middelbaar onderwijs in de Engelse taal en letterkunde, tevens zijnde Q (schoolakte Engels m.o. A);
k. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de vierjarige deeltijdse studierichting leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad in Engels;
l. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de tenminste tweejarige deeltijdse studierichting leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Engels;
m. de akte van bekwaamheid tot het geven van lager onderwijs in de Engelse taal (akte n);
n. de verklaring van het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen, dat in de cursusjaren 1971 tot en met 1973 met gunstig resultaat de mto-applicatiecursus voor avo leraren is gevolgd in Engels;
o. de akte van bekwaamheid van de tweede graad in twee vakken, waaronder het vak Engels, dan wel akte van bekwaamheid van de tweede graad in het vak Engels tevens getuigschrift tot het geven van godsdienstonderwijs, uitgereikt door de instituten voor opleiding van leraren die uit de openbare kas bekostigd zijn krachtens de Experimentenwet onderwijs (zgn. NLO’s);
p. de akte van bekwaamheid van de derde graad in twee vakken, waaronder het vak Engels, dan wel akte van bekwaamheid van de derde graad in het vak Engels tevens getuigschrift tot het geven van godsdienstonderwijs, uitgereikt door de instituten voor opleiding van leraren die uit de openbare kas bekostigd zijn krachtens de Experimentenwet onderwijs (zgn. NLO’s);
q. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de vierjarige voltijdse studierichting opleiding tot leraar voortgezet onderwijs in de tweede graad, samengesteld uit twee studierichtingsdelen, waarvan de inhoud van het ene studierichtingsdeel (vak) mede is gericht op het geven van middelbaar beroepsonderwijs en de inhoud van het andere studierichtingsdeel (vak) niet mede gericht is op het geven van middelbaar beroepsonderwijs, en het vak Engels daarvan deel uitmaakt;
r. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de vierjarige voltijdse studierichting opleiding tot leraar voortgezet onderwijs in de tweede graad in Engels;
s. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd afsluitend examen van de opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad in Engels;
t. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd examen van de opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Engels;
u. het getuigschrift van met goed gevolg afgelegd examen van de universitaire eerstegraads lerarenopleiding Engels.