BWBR0003709
Geldig vanaf 1985-01-01
Artikel 14
Wet op de stads- en dorpsvernieuwing
1. De leefmilieuverordening wordt na vaststelling zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen vier weken na de dagtekening van het raadsbesluit aan de goedkeuring van Gedeputeerde Staten onderworpen.
2. Indien artikel 13, eerste lid, toepassing heeft gevonden, wordt het besluit omtrent goedkeuring binnen dertien weken na afloop van de in dat lid genoemde termijn van terinzagelegging bekendgemaakt. Alvorens te besluiten horen gedeputeerde staten de provinciale stadsvernieuwingscommissie en zo nodig de provinciale planologische commissie. Artikel 10:31, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrechtis niet van toepassing. De goedkeuring kan worden onthouden indien de ingediende bedenkingen daartoe aanleiding geven dan wel wegens strijd met het belang van de stadsvernieuwing.
3. Van het besluit omtrent goedkeuring wordt door toezending van een afschrift mededeling gedaan aan de provinciale stadsvernieuwingscommissie en zo nodig de provinciale planologische commissie.
2. Indien artikel 13, eerste lid, toepassing heeft gevonden, wordt het besluit omtrent goedkeuring binnen dertien weken na afloop van de in dat lid genoemde termijn van terinzagelegging bekendgemaakt. Alvorens te besluiten horen gedeputeerde staten de provinciale stadsvernieuwingscommissie en zo nodig de provinciale planologische commissie. Artikel 10:31, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrechtis niet van toepassing. De goedkeuring kan worden onthouden indien de ingediende bedenkingen daartoe aanleiding geven dan wel wegens strijd met het belang van de stadsvernieuwing.
3. Van het besluit omtrent goedkeuring wordt door toezending van een afschrift mededeling gedaan aan de provinciale stadsvernieuwingscommissie en zo nodig de provinciale planologische commissie.