BWBR0003310
Geldig vanaf 1980-05-24
Artikel 4
Hoeveelheidsaanduidingenbesluit (Warenwet)
1. De e-voorverpakkingen als bedoeld in artikel 3, behorende tot een overeenkomstig punt 2.1.1. van bijlage III van dit besluit gevormde partij, worden geacht aan artikel 3, onder a en b, te voldoen, onderscheidenlijk niet te voldoen, indien bij een controle door keuringsambtenaren door middel van een feitelijk onderzoek van een uit die partij genomen steekproef met inachtneming van de in bedoelde bijlage vervatte regelen een resultaat wordt verkregen, overeenkomend met het in die bijlage aangegeven goedkeur- onderscheidenlijk afkeurcriterium.
2. Een controle als bedoeld in het eerste lid wordt verricht bij de vervaardiger of de vuller van e-voorverpakkingen of de importeur van uit een derde land in Nederland ingevoerde e-voorverpakkingen of diens in Nederland gevestigde gemachtigde.
3. Indien e-voorverpakkingen, behorende tot een partij, overeenkomstig het eerste lid worden geacht niet te voldoen aan artikel 3, onder a en b, is het eerste lid niet langer van toepassing ten aanzien van een e-voorverpakking, die tot die partij heeft behoord doch met betrekking waartoe de vervaardiger of de importeur daarvan kan aantonen, dat alsnog is voldaan aan artikel 3, onder a en b.
4. Indien e-voorverpakkingen zich gezamenlijk bevinden in een verpakking, kan bij een controle ten behoeve van het feitelijk onderzoek van een steekproef als bedoeld in het eerste lid de verpakking, die de e-voorverpakkingen te zamen omgeeft, worden geopend.
2. Een controle als bedoeld in het eerste lid wordt verricht bij de vervaardiger of de vuller van e-voorverpakkingen of de importeur van uit een derde land in Nederland ingevoerde e-voorverpakkingen of diens in Nederland gevestigde gemachtigde.
3. Indien e-voorverpakkingen, behorende tot een partij, overeenkomstig het eerste lid worden geacht niet te voldoen aan artikel 3, onder a en b, is het eerste lid niet langer van toepassing ten aanzien van een e-voorverpakking, die tot die partij heeft behoord doch met betrekking waartoe de vervaardiger of de importeur daarvan kan aantonen, dat alsnog is voldaan aan artikel 3, onder a en b.
4. Indien e-voorverpakkingen zich gezamenlijk bevinden in een verpakking, kan bij een controle ten behoeve van het feitelijk onderzoek van een steekproef als bedoeld in het eerste lid de verpakking, die de e-voorverpakkingen te zamen omgeeft, worden geopend.