1. Een verklaring als bedoeld in
artikel 7, eerste lid, onder a, van de wetis niet vereist voor de bouw van een instelling die zorg verleent als omschreven in
artikel 9 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ, in combinatie met de vormen van zorg, omschreven in de
artikelen 4,
5en
6 van dat besluit, in verband met een somatische of psychogeriatrische aandoening of beperking of met een psychosociaal probleem, indien:
a. hiermee niet gepaard gaat een bestemmingswijziging als bedoeld in artikel 4, onder b, van de Regeling begripsomschrijvingen WZV;
b. geen wijziging plaatsvindt van het aantal plaatsen, en
c. de met de bouw gemoeide investeringskosten in totaal, exclusief BTW, niet meer bedragen dan: – bij een instelling met niet meer dan 50 plaatsen: € 2.327,– per plaats;
– bij een instelling met meer dan 50 maar ten hoogste 100 plaatsen: 50 x € 2.327,– plus € 1.923,– voor iedere plaats waarmee de 50 wordt overschreden;
– bij een instelling van meer dan 100 plaatsen: 50 x € 2.327,– plus 50 x € 1.923,– plus € 1.815,– voor iedere plaats waarmee de 100 wordt overschreden.
– bij een instelling met niet meer dan 50 plaatsen: € 2.327,– per plaats;
– bij een instelling met meer dan 50 maar ten hoogste 100 plaatsen: 50 x € 2.327,– plus € 1.923,– voor iedere plaats waarmee de 50 wordt overschreden;
– bij een instelling van meer dan 100 plaatsen: 50 x € 2.327,– plus 50 x € 1.923,– plus € 1.815,– voor iedere plaats waarmee de 100 wordt overschreden.
2. Bouw met toepassing van het eerste lid is slechts eenmaal voor een periode van twaalf maanden per instelling toegestaan.