Artikel 1
1. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder:
a. Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b. het College bouw: het College bouw ziekenhuisvoorzieningen, bedoeld in artikel 2;
c. ziekenhuisvoorziening: inrichting voor gezondheidszorg, behorende tot een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie, of een deel van zodanige inrichting, alsmede een met zodanige inrichting verbonden of ten behoeve van een of meer inrichtingen fungerende bouwkundige voorziening;
d. academisch ziekenhuis: een ziekenhuisvoorziening die in de zin van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs een academisch ziekenhuis is;
e. bed of plaats: capaciteitsmaat waarmee wordt uitgedrukt het aantal patiënten dat gelijktijdig in het kader van een klinische behandeling of verpleging in een ziekenhuisvoorziening kan worden opgenomen;
f. functie-eenheid: capaciteitsmaat voor de uitoefening van medisch-specialistische functies, overeenkomend met de gemiddelde jaarproductie van een medisch specialist met een volledige werkweek.
2. De voordracht tot een algemene maatregel als bedoeld in het eerste lid wordt Ons gedaan door Onze Minister tezamen met Onze Ministers wie het mede aangaat.
3. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder een ziekenhuisvoorziening niet verstaan:
a. een inrichting voor de opname van gedetineerden in de zin van de Penitentiaire beginselenwet, een inrichting voor de opname van verpleegden in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden en een inrichting voor de opname van jeugdigen in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen;
b. vervallen;
c. voorzieningen in het kader van de voorbereiding voor en in het geval van oorlog, oorlogsgevaar, daaraan verwante of daarmede verband houdende buitengewone omstandigheden;
d. militaire verblijven als een ziekenboeg, een kwartierziekenverblijf en een garnizoensziekenverblijf.
4. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder het bouwen of de bouw van een ziekenhuisvoorziening mede verstaan het uitbreiden, verbouwen of vervangen van een ziekenhuisvoorziening, het als ziekenhuisvoorziening inrichten of in gebruik nemen van een gebouw of een gedeelte van een gebouw, alsmede het wijziging brengen in de bestemming van een ziekenhuisvoorziening. Onze Minister kan deze begrippen nader omschrijven.
a. Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b. het College bouw: het College bouw ziekenhuisvoorzieningen, bedoeld in artikel 2;
c. ziekenhuisvoorziening: inrichting voor gezondheidszorg, behorende tot een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie, of een deel van zodanige inrichting, alsmede een met zodanige inrichting verbonden of ten behoeve van een of meer inrichtingen fungerende bouwkundige voorziening;
d. academisch ziekenhuis: een ziekenhuisvoorziening die in de zin van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs een academisch ziekenhuis is;
e. bed of plaats: capaciteitsmaat waarmee wordt uitgedrukt het aantal patiënten dat gelijktijdig in het kader van een klinische behandeling of verpleging in een ziekenhuisvoorziening kan worden opgenomen;
f. functie-eenheid: capaciteitsmaat voor de uitoefening van medisch-specialistische functies, overeenkomend met de gemiddelde jaarproductie van een medisch specialist met een volledige werkweek.
2. De voordracht tot een algemene maatregel als bedoeld in het eerste lid wordt Ons gedaan door Onze Minister tezamen met Onze Ministers wie het mede aangaat.
3. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder een ziekenhuisvoorziening niet verstaan:
a. een inrichting voor de opname van gedetineerden in de zin van de Penitentiaire beginselenwet, een inrichting voor de opname van verpleegden in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden en een inrichting voor de opname van jeugdigen in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen;
b. vervallen;
c. voorzieningen in het kader van de voorbereiding voor en in het geval van oorlog, oorlogsgevaar, daaraan verwante of daarmede verband houdende buitengewone omstandigheden;
d. militaire verblijven als een ziekenboeg, een kwartierziekenverblijf en een garnizoensziekenverblijf.
4. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder het bouwen of de bouw van een ziekenhuisvoorziening mede verstaan het uitbreiden, verbouwen of vervangen van een ziekenhuisvoorziening, het als ziekenhuisvoorziening inrichten of in gebruik nemen van een gebouw of een gedeelte van een gebouw, alsmede het wijziging brengen in de bestemming van een ziekenhuisvoorziening. Onze Minister kan deze begrippen nader omschrijven.