BWBR0002753
Geldig vanaf 1971-09-15
Artikel 7
Wet ziekenhuisvoorzieningen
1. Een aanvrage om een vergunning, als bedoeld in artikel 6, wordt niet in behandeling genomen, indien niet zijn afgegeven:
a. een onherroepelijk geworden verklaring van Onze Minister waaruit blijkt dat de beoogde bouw past in een plan voor ziekenhuisvoorzieningen, behoudens voor zover een zodanige verklaring op grond van artikel 9 niet vereist is,
b. een goedkeuring door het College bouw van het programma van eisen voor de beoogde bouw, indien dit is voorgeschreven op grond van artikel 9, derde lid of artikel 10, zesde lid,
c. een goedkeuring door het College bouw van het schetsontwerp voor de beoogde bouw.
2. De aanvrage om een vergunning dient voorts vergezeld te gaan van bestedingsgerede stukken voor de beoogde bouw, indien dit door het College bouw is voorgeschreven bij de goedkeuring van het schetsontwerp.
a. een onherroepelijk geworden verklaring van Onze Minister waaruit blijkt dat de beoogde bouw past in een plan voor ziekenhuisvoorzieningen, behoudens voor zover een zodanige verklaring op grond van artikel 9 niet vereist is,
b. een goedkeuring door het College bouw van het programma van eisen voor de beoogde bouw, indien dit is voorgeschreven op grond van artikel 9, derde lid of artikel 10, zesde lid,
c. een goedkeuring door het College bouw van het schetsontwerp voor de beoogde bouw.
2. De aanvrage om een vergunning dient voorts vergezeld te gaan van bestedingsgerede stukken voor de beoogde bouw, indien dit door het College bouw is voorgeschreven bij de goedkeuring van het schetsontwerp.