Artikel 1
1. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder:
delfstoffen: delfstoffen als bedoeld in artikel 2 van de wet van 21 april 1810 (Bulletin des Lois 285);
Onze Minister:Onze Minister van Economische Zaken.
2. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder boring uitsluitend verstaan een boring, door middel waarvan de aanwezigheid van delfstoffen kan worden aangetoond.
delfstoffen: delfstoffen als bedoeld in artikel 2 van de wet van 21 april 1810 (Bulletin des Lois 285);
Onze Minister:Onze Minister van Economische Zaken.
2. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder boring uitsluitend verstaan een boring, door middel waarvan de aanwezigheid van delfstoffen kan worden aangetoond.