BWBR0002358
Geldig vanaf 1961-12-01
Artikel 4
Instellingsbesluit bedrijfschap bakkersbedrijf
Aan het bedrijfschap is overgelaten de regeling of nadere regeling van de navolgende onderwerpen:
a. het aanbieden en verstrekken van geschenken in de vorm van goederen of diensten;
b. het geven van kortingen bij de verkoop van bakkersartikelen aan particulieren;
c. de levering van brood, al dan niet tezamen met andere bakkersartikelen, aan wederverkopers door degenen, die een onderneming drijven, waarin het in artikel 2, eerste lid, onder a, genoemde bedrijf wordt uitgeoefend;
d. de levering van brood, al dan niet tezamen met andere bakkersartikelen, door middel van wijkbezorging aan particulieren, aan wie door de daarbij betrokken ondernemer of werknemer tevoren als bezorger van een andere onderneming brood is geleverd;
e. de registratie van de ondernemingen, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
f. het verstrekken van gegevens ten behoeve van de voorbereiding van verordeningen of het toezicht op de naleving ervan, dan wel ten behoeve van het vaststellen van heffingen;
g. de inzage van boeken en bescheiden ter verkrijging van gegevens, welke in strijd met een bij verordening opgelegde verplichting niet zijn verstrekt, dan wel ter verificatie van op grond van een verordening verstrekte gegevens, waarvan de juistheid niet is gestaafd door een verklaring van een deskundige, die aan door het bestuur van het bedrijfschap te stellen eisen voldoet.
a. het aanbieden en verstrekken van geschenken in de vorm van goederen of diensten;
b. het geven van kortingen bij de verkoop van bakkersartikelen aan particulieren;
c. de levering van brood, al dan niet tezamen met andere bakkersartikelen, aan wederverkopers door degenen, die een onderneming drijven, waarin het in artikel 2, eerste lid, onder a, genoemde bedrijf wordt uitgeoefend;
d. de levering van brood, al dan niet tezamen met andere bakkersartikelen, door middel van wijkbezorging aan particulieren, aan wie door de daarbij betrokken ondernemer of werknemer tevoren als bezorger van een andere onderneming brood is geleverd;
e. de registratie van de ondernemingen, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
f. het verstrekken van gegevens ten behoeve van de voorbereiding van verordeningen of het toezicht op de naleving ervan, dan wel ten behoeve van het vaststellen van heffingen;
g. de inzage van boeken en bescheiden ter verkrijging van gegevens, welke in strijd met een bij verordening opgelegde verplichting niet zijn verstrekt, dan wel ter verificatie van op grond van een verordening verstrekte gegevens, waarvan de juistheid niet is gestaafd door een verklaring van een deskundige, die aan door het bestuur van het bedrijfschap te stellen eisen voldoet.