BWBR0002339
Geldig vanaf 2004-10-26
Artikel 19
Waterleidingbesluit
1. Het geneeskundige onderzoek, bedoeld in artikel 18, eerste lid, dat wordt verricht in verband met de indiensttreding of eerste tewerkstelling van personeelsleden voor werkzaamheden, als bedoeld in artikel 18, eerste lid, omvat:
a. voor de indiensttreding of eerste tewerkstelling het opnemen van de anamnese;
b. voor de indiensttreding of eerste tewerkstelling ten minste één onderzoek van faeces en urine op de aanwezigheid van bacteriën van de geslachten Salmonella en Shigella;
c. voor of terstond na de indiensttreding of eerste tewerkstelling een nader onderzoek, als bedoeld onder b, met dien verstande, dat dit onderzoek wordt verricht na verloop van tenminste één week na het eerste onderzoek;
d. andere of nadere onderzoekingen op verlangen van de inspecteur.
2. Ten aanzien van personeelsleden, die ingevolge artikel 12, onder b, der Waterleidingwetgeen werkzaamheden verrichten, wordt een geneeskundig onderzoek, als bedoeld in artikel 18, ingesteld, alvorens zij weder te werk worden gesteld.
Dit onderzoek omvat:
a. indien de inspecteur zulks verlangt, een of meer onderzoekingen, als bedoeld in het eerste lid, onder b;
b. andere of nadere onderzoekingen op verlangen van de inspecteur.
3. Het geneeskundige onderzoek, bedoeld in artikel 18, dat wordt verricht met betrekking tot personeelsleden, anders dan in de gevallen, als bedoeld in het eerste en tweede lid, omvat zodanige onderzoekingen, als de inspecteur nodig oordeelt. De inspecteur kan bepalen, dat deze onderzoekingen meermalen of periodiek worden verricht.
4. Voor zover laboratoriumonderzoek dient te worden verricht ten behoeve van de in dit artikel bedoelde onderzoekingen, maakt de daarmede belaste arts gebruik van de diensten van het Rijks Instituut voor de Volksgezondheid of van door Onze Minister of de inspecteur aan te wijzen laboratoria.
a. voor de indiensttreding of eerste tewerkstelling het opnemen van de anamnese;
b. voor de indiensttreding of eerste tewerkstelling ten minste één onderzoek van faeces en urine op de aanwezigheid van bacteriën van de geslachten Salmonella en Shigella;
c. voor of terstond na de indiensttreding of eerste tewerkstelling een nader onderzoek, als bedoeld onder b, met dien verstande, dat dit onderzoek wordt verricht na verloop van tenminste één week na het eerste onderzoek;
d. andere of nadere onderzoekingen op verlangen van de inspecteur.
2. Ten aanzien van personeelsleden, die ingevolge artikel 12, onder b, der Waterleidingwetgeen werkzaamheden verrichten, wordt een geneeskundig onderzoek, als bedoeld in artikel 18, ingesteld, alvorens zij weder te werk worden gesteld.
Dit onderzoek omvat:
a. indien de inspecteur zulks verlangt, een of meer onderzoekingen, als bedoeld in het eerste lid, onder b;
b. andere of nadere onderzoekingen op verlangen van de inspecteur.
3. Het geneeskundige onderzoek, bedoeld in artikel 18, dat wordt verricht met betrekking tot personeelsleden, anders dan in de gevallen, als bedoeld in het eerste en tweede lid, omvat zodanige onderzoekingen, als de inspecteur nodig oordeelt. De inspecteur kan bepalen, dat deze onderzoekingen meermalen of periodiek worden verricht.
4. Voor zover laboratoriumonderzoek dient te worden verricht ten behoeve van de in dit artikel bedoelde onderzoekingen, maakt de daarmede belaste arts gebruik van de diensten van het Rijks Instituut voor de Volksgezondheid of van door Onze Minister of de inspecteur aan te wijzen laboratoria.