BWBR0002312
Geldig vanaf 1959-10-01
Artikel 11
Wet interimregeling beperking samenloop uitkeringen AWW en uitkeringen Ongevallenwetten
1. Aan de weduwen, die in het genot zijn van een invaliditeitsrente krachtens de Invaliditeitswet en die aanspraak kunnen maken op een weduwenpensioen ingevolge de Algemene Weduwen- en Wezenwet, worden over de tijd, waarover aanspraak op een zodanig pensioen bestaat, de toe- en bijslagen, bedoeld in de artikelen 1en 2van de Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet en in artikel 1 van de wet van 3 februari 1954 ( Stb.60), niet verstrekt.
2. Het bepaalde in het vorige lid blijft buiten toepassing in de gevallen, waarin artikel 30, eerste lid, van de Algemene Weduwen- en Wezenwet wordt toegepast, met dien verstande, dat alsdan de toe- en bijslagen, bedoeld in de artikelen 1en 2van de Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet en in artikel 1 van de wet van 3 februari 1954 ( Stb.60), slechts worden uitbetaald, voor zover die toe- en bijslagen het na toepassing van artikel 30, eerste lid, van de Algemene Weduwen- en Wezenwet uitbetaalde bedrag overtreffen.
2. Het bepaalde in het vorige lid blijft buiten toepassing in de gevallen, waarin artikel 30, eerste lid, van de Algemene Weduwen- en Wezenwet wordt toegepast, met dien verstande, dat alsdan de toe- en bijslagen, bedoeld in de artikelen 1en 2van de Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet en in artikel 1 van de wet van 3 februari 1954 ( Stb.60), slechts worden uitbetaald, voor zover die toe- en bijslagen het na toepassing van artikel 30, eerste lid, van de Algemene Weduwen- en Wezenwet uitbetaalde bedrag overtreffen.