BWBR0002126
Geldig vanaf 2001-01-01
Artikel 3a
Coördinatiewet Sociale Verzekering
1. Deze wet verstaat onder dienstbetrekking de dienstbetrekking en de arbeidsverhouding die als zodanig wordt beschouwd ingevolge het bepaalde bij of krachtens de <a href="/wet/BWBR0001888" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Ziektewet</a>, de <a href="/wet/BWBR0002524" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering</a>, de <a href="/wet/BWBR0004045" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Werkloosheidswet</a>en die als zodanig geldt ingevolge de <a href="/wet/BWBR0002460" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Ziekenfondswet</a>.
2. De werknemer die een uitkering ontvangt op grond van de verplichte verzekering krachtens de <a href="/wet/BWBR0001888" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Ziektewet</a>, de verplichte verzekering op grond van de <a href="/wet/BWBR0002524" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering</a>of de verplichte verzekering dan wel <a href="/wet/BWBR0004045" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">hoofdstuk IV van de Werkloosheidswet</a>, al dan niet vermeerderd met een toeslag op grond van de <a href="/wet/BWBR0004043" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Toeslagenwet</a>, wordt tijdens de duur van die uitkering geacht in dienstbetrekking te staan tot het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De werknemer die geen ziekengeld ontvangt op grond van <a href="/wet/BWBR0001888/artikel/29" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 29, eerste lid, van de Ziektewet</a>maar wel toeslag op grond van de <a href="/wet/BWBR0004043" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Toeslagenwet</a>, wordt voor de toepassing van de eerste zin geacht een uitkering te ontvangen op grond van de verplichte verzekering krachtens de <a href="/wet/BWBR0001888" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Ziektewet</a>.
3. De werknemer of gelijkgestelde, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0013008/artikel/3:6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3:6, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg</a>, aan wie uitkering wordt betaald op grond van <a href="/wet/BWBR0013008" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van die wet</a>, wordt tijdens de duur van die uitkering geacht in dienstbetrekking te staan tot het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
2. De werknemer die een uitkering ontvangt op grond van de verplichte verzekering krachtens de <a href="/wet/BWBR0001888" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Ziektewet</a>, de verplichte verzekering op grond van de <a href="/wet/BWBR0002524" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering</a>of de verplichte verzekering dan wel <a href="/wet/BWBR0004045" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">hoofdstuk IV van de Werkloosheidswet</a>, al dan niet vermeerderd met een toeslag op grond van de <a href="/wet/BWBR0004043" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Toeslagenwet</a>, wordt tijdens de duur van die uitkering geacht in dienstbetrekking te staan tot het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De werknemer die geen ziekengeld ontvangt op grond van <a href="/wet/BWBR0001888/artikel/29" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 29, eerste lid, van de Ziektewet</a>maar wel toeslag op grond van de <a href="/wet/BWBR0004043" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Toeslagenwet</a>, wordt voor de toepassing van de eerste zin geacht een uitkering te ontvangen op grond van de verplichte verzekering krachtens de <a href="/wet/BWBR0001888" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Ziektewet</a>.
3. De werknemer of gelijkgestelde, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0013008/artikel/3:6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3:6, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg</a>, aan wie uitkering wordt betaald op grond van <a href="/wet/BWBR0013008" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van die wet</a>, wordt tijdens de duur van die uitkering geacht in dienstbetrekking te staan tot het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.