BWBR0001905
Geldig vanaf 1921-08-30
Artikel 23
Verenwet
Buiten de gevallen in de artt. 20en 21voorzien, wordt, naar gelang de opheffing ingevolge een door Ons of een door Gedeputeerde Staten genomen besluit geschiedt, door het Rijk of Gedeputeerde Staten van de provincie of provinciën tegen hen, die aangifte hebben gedaan, eene rechtsvordering ingesteld strekkende tot bepaling van het bedrag, dat als schadeloosstelling voor het veerrecht moet worden betaald, en tot beslissing aan wie der verweerders of eventueel tusschengekomen partijen dat bedrag of een aan te wijzen deel daarvan moet worden uitgekeerd.