30 resultaten voor "Artikel 38 Wet op de ondernemingsraden"
Pagina 3 van 3
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2017:7853

aande feiten In het kader van de onderhavige procedure kan van de volgende vaststaande feiten worden uitgegaan. 2.1 De Ondernemer heeft 3.000 werknemers waarvan ongeveer 2.400 werknemers in Nederland werken en de overige wereldwijd. Daarnaast werken...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2018:9722

4.1. De voorzieningenrechter acht zich bevoegd om kennis te nemen van het geschil. Partijen doen geen beroep op het arbitraal beding in artikel 13 van de EWC Agreement (welk artikel overigens arbitrage niet verplicht stelt). Beide partijen stel...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2017:7853

Vooropgesteld dient te worden dat de OR zelfstandig de inhoud van zijn reglement bepaalt, waarbij zij een zekere mate van keuzevrijheid heeft. Alvorens tot wijziging ervan wordt overgegaan dient overleg met de Ondernemer te worden gevoerd. Over de do...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBMNE:2026:3032

aten die betrekking hebben op een langere periode dan de omzetperiode en de periode, bedoeld in het tweede lid, worden naar rato aan de betreffende perioden toegerekend voor de bepaling van de omzetdaling, bedoeld in het eerste lid. Artikel 7. Afwijk...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBLEE:2009:BK1725

langer gebruik te maken van zijn bevoegdheid om af te wijken van de in de CAO ten aanzien van de OT/GD opgenomen hoofdregel. 5.8. Door FNV is aangevoerd dat Arriva in strijd handelt met (de bedoeling van) de artikelen 37 en 38 Wpv. Naar het...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2017:9268

nis bij dit artikel is af te leiden dat de termijnen waarna actief en passief kiesrecht ontstaan, pas beginnen te lopen na die 24 maanden (Kamerstukken II 1996/97, 24 615, nr. 56). Dit zou betekenen dat ingeleenden volgens de WOR eerst na 30 maanden...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBMNE:2017:5467

s doel de mogelijkheid te onderzoeken of in de toekomst van een werkbare situatie sprake kan zijn. 3. De Commissie van Advies en Bemiddeling bestaat uit drie leden, waarvan elk der partijen binnen twee weken één lid benoemt. Deze twee leden wijzen ze...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:PHR:2023:666

aag: SER 1975, p. 24. Zie blz. 2 van de brief van de minister van Sociale Zaken van 4 oktober 1973, bijlage I bij het SER-advies. De toelichting op de adviesaanvraag is op dit punt overigens summier: volstaan is met de constatering dat i...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:PHR:2019:1116

Het is ook daarom niet zonder gevaar – en te meer op basis van een ‘grote stappen snel thuis’ benadering – voor Nederland allerlei consequenties te verbinden aan die Duitse ‘setting’, bijvoorbeeld in het kader van art. 13 WOR en een geval als het ond...

2%