BWBV0001514
Geldig vanaf 01-02-2002
Artikel 30
Verdrag inzake de erkenning van de internationale rechtspersoonlijkheid van het Internationaal Aardappelcentrum (CIP)
Het recht om advies uit te brengen en het recht om een stem uit te brengen kunnen niet worden uitgeoefend door een lid van de Raad dat ten aanzien van de te behandelen onderwerpen voor eigen rekening of voor rekening van een derde belangen heeft.
Een lid van de Raad van Toezicht dat, ten aanzien van welk in de vergadering te behandelen onderwerpen ook meent dat dit onderwerp voor hem van belang kan zijn, brengt dit ter kennis van de Raad. De Raad beslist of dit belang strijdig is met de belangen van het Centrum. Indien zulks het geval is, kan het betrokken lid niet deelnemen aan de beraadslagingen en aan de stemming over dat onderwerp. Het lid van de Raad van Toezicht dat deze bepaling overtreedt, is aansprakelijk voor de hierdoor aan het Centrum toegebrachte schade en kan door de Raad van Toezicht, op verzoek van de Voorzitter of van een van de leden, worden geroyeerd.
Een lid van de Raad van Toezicht dat, ten aanzien van welk in de vergadering te behandelen onderwerpen ook meent dat dit onderwerp voor hem van belang kan zijn, brengt dit ter kennis van de Raad. De Raad beslist of dit belang strijdig is met de belangen van het Centrum. Indien zulks het geval is, kan het betrokken lid niet deelnemen aan de beraadslagingen en aan de stemming over dat onderwerp. Het lid van de Raad van Toezicht dat deze bepaling overtreedt, is aansprakelijk voor de hierdoor aan het Centrum toegebrachte schade en kan door de Raad van Toezicht, op verzoek van de Voorzitter of van een van de leden, worden geroyeerd.
- Citeren als
- Art. 30
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001514
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl