BWBV0001385
Geldig vanaf 01-06-1999
Artikel 4
Verdrag inzake de bevordering en de wederzijdse bescherming van investeringen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Kroatië
Met betrekking tot belastingen, heffingen, lasten en verminderingen en vrijstellingen van belasting kent iedere Verdragsluitende Partij aan onderdanen van de andere Verdragsluitende Partij die zich op haar grondgebied met economische activiteiten bezighouden, een behandeling toe die niet minder gunstig is dan die welke wordt toegekend aan haar eigen onderdanen of aan die van een derde Staat die zich in dezelfde omstandigheden bevinden, naar gelang van wat het gunstigst is voor de betrokken onderdanen.
Hierbij wordt evenwel geen rekening gehouden met bijzondere belastingvoordelen door die Verdragsluitende Partij toegekend:
a. krachtens een verdrag ter vermijding van dubbele belasting; of
b. uit hoofde van haar deelneming aan een douane-unie, economische unie of soortgelijke instelling; of
c. op basis van wederkerigheid met een derde Staat.
Hierbij wordt evenwel geen rekening gehouden met bijzondere belastingvoordelen door die Verdragsluitende Partij toegekend:
a. krachtens een verdrag ter vermijding van dubbele belasting; of
b. uit hoofde van haar deelneming aan een douane-unie, economische unie of soortgelijke instelling; of
c. op basis van wederkerigheid met een derde Staat.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001385
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl