BWBV0001385
Geldig vanaf 01-06-1999
Artikel 1
Verdrag inzake de bevordering en de wederzijdse bescherming van investeringen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Kroatië
Voor de toepassing van dit Verdrag:
a. wordt onder de term „investeringen” verstaan: alle soorten vermogensbestanddelen en in het bijzonder, doch niet uitsluitend: i. roerende en onroerende zaken, alsmede andere zakelijke rechten met betrekking tot alle soorten vermogensbestanddelen;
ii. rechten ontleend aan aandelen, obligaties en andere soorten belangen in ondernemingen en joint ventures;
iii. aanspraken op geld, op andere vermogensbestanddelen of op iedere prestatie die economische waarde heeft;
iv. rechten op het gebied van de intellectuele eigendom, technische werkwijzen, goodwill en know-how;
v. rechten verleend krachtens het publiekrecht of bij overeenkomst, met inbegrip van rechten tot het opsporen, exploreren, ontginnen en winnen van natuurlijke rijkdommen;
i. roerende en onroerende zaken, alsmede andere zakelijke rechten met betrekking tot alle soorten vermogensbestanddelen;
ii. rechten ontleend aan aandelen, obligaties en andere soorten belangen in ondernemingen en joint ventures;
iii. aanspraken op geld, op andere vermogensbestanddelen of op iedere prestatie die economische waarde heeft;
iv. rechten op het gebied van de intellectuele eigendom, technische werkwijzen, goodwill en know-how;
v. rechten verleend krachtens het publiekrecht of bij overeenkomst, met inbegrip van rechten tot het opsporen, exploreren, ontginnen en winnen van natuurlijke rijkdommen;
b. omvat de term „onderdanen” met betrekking tot elk van de Verdragsluitende Partijen: i. natuurlijke personen die de nationaliteit van de Verdragsluitende Partij hebben;
ii. rechtspersonen die zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij;
iii. rechtspersonen die niet zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij, maar die onder al dan niet rechtstreeks toezicht staan van natuurlijke personen zoals omschreven onder i) of van rechtspersonen zoals omschreven onder ii);
i. natuurlijke personen die de nationaliteit van de Verdragsluitende Partij hebben;
ii. rechtspersonen die zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij;
iii. rechtspersonen die niet zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij, maar die onder al dan niet rechtstreeks toezicht staan van natuurlijke personen zoals omschreven onder i) of van rechtspersonen zoals omschreven onder ii);
c. wordt onder de term „grondgebied” verstaan: i. wat de Republiek Kroatië betreft, het grondgebied van de Republiek Kroatië, alsmede alle aan de buitengrenzen van de territoriale zee grenzende gebieden, met inbegrip van de bedding en zeebodem waarin de Republiek Kroatië overeenkomstig het internationale recht rechtsmacht en souvereine rechten uitoefent;
ii. wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, omvat de term „grondgebied” mede alle aan de territoriale zee grenzende gebieden die, krachtens het recht van het Koninkrijk en overeenkomstig het internationale recht, tot de exclusieve economische zone of het continentaal plat van het Koninkrijk behoren, en waarin het rechtsmacht of soevereine rechten uitoefent.
i. wat de Republiek Kroatië betreft, het grondgebied van de Republiek Kroatië, alsmede alle aan de buitengrenzen van de territoriale zee grenzende gebieden, met inbegrip van de bedding en zeebodem waarin de Republiek Kroatië overeenkomstig het internationale recht rechtsmacht en souvereine rechten uitoefent;
ii. wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, omvat de term „grondgebied” mede alle aan de territoriale zee grenzende gebieden die, krachtens het recht van het Koninkrijk en overeenkomstig het internationale recht, tot de exclusieve economische zone of het continentaal plat van het Koninkrijk behoren, en waarin het rechtsmacht of soevereine rechten uitoefent.
a. wordt onder de term „investeringen” verstaan: alle soorten vermogensbestanddelen en in het bijzonder, doch niet uitsluitend: i. roerende en onroerende zaken, alsmede andere zakelijke rechten met betrekking tot alle soorten vermogensbestanddelen;
ii. rechten ontleend aan aandelen, obligaties en andere soorten belangen in ondernemingen en joint ventures;
iii. aanspraken op geld, op andere vermogensbestanddelen of op iedere prestatie die economische waarde heeft;
iv. rechten op het gebied van de intellectuele eigendom, technische werkwijzen, goodwill en know-how;
v. rechten verleend krachtens het publiekrecht of bij overeenkomst, met inbegrip van rechten tot het opsporen, exploreren, ontginnen en winnen van natuurlijke rijkdommen;
i. roerende en onroerende zaken, alsmede andere zakelijke rechten met betrekking tot alle soorten vermogensbestanddelen;
ii. rechten ontleend aan aandelen, obligaties en andere soorten belangen in ondernemingen en joint ventures;
iii. aanspraken op geld, op andere vermogensbestanddelen of op iedere prestatie die economische waarde heeft;
iv. rechten op het gebied van de intellectuele eigendom, technische werkwijzen, goodwill en know-how;
v. rechten verleend krachtens het publiekrecht of bij overeenkomst, met inbegrip van rechten tot het opsporen, exploreren, ontginnen en winnen van natuurlijke rijkdommen;
b. omvat de term „onderdanen” met betrekking tot elk van de Verdragsluitende Partijen: i. natuurlijke personen die de nationaliteit van de Verdragsluitende Partij hebben;
ii. rechtspersonen die zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij;
iii. rechtspersonen die niet zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij, maar die onder al dan niet rechtstreeks toezicht staan van natuurlijke personen zoals omschreven onder i) of van rechtspersonen zoals omschreven onder ii);
i. natuurlijke personen die de nationaliteit van de Verdragsluitende Partij hebben;
ii. rechtspersonen die zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij;
iii. rechtspersonen die niet zijn opgericht krachtens het recht van die Verdragsluitende Partij, maar die onder al dan niet rechtstreeks toezicht staan van natuurlijke personen zoals omschreven onder i) of van rechtspersonen zoals omschreven onder ii);
c. wordt onder de term „grondgebied” verstaan: i. wat de Republiek Kroatië betreft, het grondgebied van de Republiek Kroatië, alsmede alle aan de buitengrenzen van de territoriale zee grenzende gebieden, met inbegrip van de bedding en zeebodem waarin de Republiek Kroatië overeenkomstig het internationale recht rechtsmacht en souvereine rechten uitoefent;
ii. wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, omvat de term „grondgebied” mede alle aan de territoriale zee grenzende gebieden die, krachtens het recht van het Koninkrijk en overeenkomstig het internationale recht, tot de exclusieve economische zone of het continentaal plat van het Koninkrijk behoren, en waarin het rechtsmacht of soevereine rechten uitoefent.
i. wat de Republiek Kroatië betreft, het grondgebied van de Republiek Kroatië, alsmede alle aan de buitengrenzen van de territoriale zee grenzende gebieden, met inbegrip van de bedding en zeebodem waarin de Republiek Kroatië overeenkomstig het internationale recht rechtsmacht en souvereine rechten uitoefent;
ii. wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, omvat de term „grondgebied” mede alle aan de territoriale zee grenzende gebieden die, krachtens het recht van het Koninkrijk en overeenkomstig het internationale recht, tot de exclusieve economische zone of het continentaal plat van het Koninkrijk behoren, en waarin het rechtsmacht of soevereine rechten uitoefent.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001385
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl