BWBR0053096
Geldig vanaf 12-09-2026
Artikel 1.1
Regeling Open oproep Cultuureducatie en digitale technologie
In deze open oproep worden onderstaande begrippen gebruikt:
a. Adviescommissie: Een interne of externe adviescommissie zoals bedoeld in het Huishoudelijk Reglement van het Fonds 2019.
b. Caribisch deel van het Koninkrijk: De landen Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de drie openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
c. Caribisch Nederland: De drie openbare lichamen van Nederland: Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
d. Culturele instelling: Een rechtspersoon die zich inzet binnen de cultuursector en ook zo staat ingeschreven bij de desbetreffende Kamer van Koophandel.
e. Cultuur: Het dynamische geheel van onder andere normen, waarden, tradities, regels, kunst, erfgoed en identiteiten van een volk, gemeenschap of groep. Cultuur ontstaat door sociale en artistieke processen.
f. Cultuureducatie: Het doelbewust leren over en door middel van cultuur binnen schooltijd.
g. Programma Cultuureducatie met Kwaliteit: Het programma dat de landelijke kwaliteit van cultuureducatie in het onderwijs waarborgt.
h. Culturele codes: Code Diversiteit & Inclusie, Fair Practice Code en Governance Code Cultuur.
i. (Cultureel) erfgoed: Dat wat onze (voor)ouders overgedragen hebben, waarmee wij nu leven en wat we (willen) doorgeven voor toekomstige generaties. Dit kunnen bijvoorbeeld plekken, objecten of tradities zijn. Cultureel erfgoed is meestal onderverdeeld in de vijf domeinen: monumenten, collecties, cultuurlandschap, archeologie en immaterieel erfgoed.
j. Digitale technologie: het geheel van elektronische systemen, apparaten en toepassingen die informatie verwerken, opslaan en uitwisselen met behulp van digitale (binaire) gegevens. In de context van cultuureducatie is het een creatief en maakbaar middel waarmee leerlingen door experiment en ontwerp de wereld onderzoeken, beïnvloeden en kritisch leren begrijpen.
k. Digitale geletterdheid: kennis hebben van digitale technologie en digitale media en beschikken over vaardigheden om deze te gebruiken.
l. Europees deel van Nederland: Nederland, zonder het Caribisch deel van het Koninkrijk.
m. Fonds: Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie.
n. Koninkrijk der Nederlanden: Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland, inclusief de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
o. Materiaalkosten: Kosten voor de aanschaf van materialen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het project.
p. Materiële investeringen: Kosten voor de aanschaf van materialen voor een project die de aanvrager na dat project nog langere tijd kan gebruiken.
q. Onderwijs: Het primair onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs, hoger onderwijs, gespecialiseerd onderwijs en wetenschappelijk onderwijs.
r. Open oproep: Een subsidie-instrument met een beperkte looptijd, specifiek doel, thema of een specifieke doelgroep.
s. Penvoerder: Een culturele instelling die voor zichzelf, en in samenwerking met andere (culturele) partners, een subsidieaanvraag indient. Als penvoerder is deze culturele instelling de projectleider en intermediair van het project Cultuureducatie met Kwaliteit.
t. Professional: Een natuurlijk persoon die (1) ten minste een parttime aanstelling bij een organisatie heeft, (2) vakbekwaam is door afgestudeerd te zijn aan een erkende opleiding, (3) als zelfstandige minimaal drie jaar als ondernemer wordt beschouwd door de Belastingdienst en inschreven staat bij de Kamer van Koophandel of een vergelijkbare organisatie en/of (4) financiering ontvangt van op professionals gerichte instanties zoals rijkscultuurfondsen.
u. Website van het Fonds:www.cultuurparticipatie.nl
a. Adviescommissie: Een interne of externe adviescommissie zoals bedoeld in het Huishoudelijk Reglement van het Fonds 2019.
b. Caribisch deel van het Koninkrijk: De landen Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de drie openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
c. Caribisch Nederland: De drie openbare lichamen van Nederland: Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
d. Culturele instelling: Een rechtspersoon die zich inzet binnen de cultuursector en ook zo staat ingeschreven bij de desbetreffende Kamer van Koophandel.
e. Cultuur: Het dynamische geheel van onder andere normen, waarden, tradities, regels, kunst, erfgoed en identiteiten van een volk, gemeenschap of groep. Cultuur ontstaat door sociale en artistieke processen.
f. Cultuureducatie: Het doelbewust leren over en door middel van cultuur binnen schooltijd.
g. Programma Cultuureducatie met Kwaliteit: Het programma dat de landelijke kwaliteit van cultuureducatie in het onderwijs waarborgt.
h. Culturele codes: Code Diversiteit & Inclusie, Fair Practice Code en Governance Code Cultuur.
i. (Cultureel) erfgoed: Dat wat onze (voor)ouders overgedragen hebben, waarmee wij nu leven en wat we (willen) doorgeven voor toekomstige generaties. Dit kunnen bijvoorbeeld plekken, objecten of tradities zijn. Cultureel erfgoed is meestal onderverdeeld in de vijf domeinen: monumenten, collecties, cultuurlandschap, archeologie en immaterieel erfgoed.
j. Digitale technologie: het geheel van elektronische systemen, apparaten en toepassingen die informatie verwerken, opslaan en uitwisselen met behulp van digitale (binaire) gegevens. In de context van cultuureducatie is het een creatief en maakbaar middel waarmee leerlingen door experiment en ontwerp de wereld onderzoeken, beïnvloeden en kritisch leren begrijpen.
k. Digitale geletterdheid: kennis hebben van digitale technologie en digitale media en beschikken over vaardigheden om deze te gebruiken.
l. Europees deel van Nederland: Nederland, zonder het Caribisch deel van het Koninkrijk.
m. Fonds: Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie.
n. Koninkrijk der Nederlanden: Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland, inclusief de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
o. Materiaalkosten: Kosten voor de aanschaf van materialen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het project.
p. Materiële investeringen: Kosten voor de aanschaf van materialen voor een project die de aanvrager na dat project nog langere tijd kan gebruiken.
q. Onderwijs: Het primair onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs, hoger onderwijs, gespecialiseerd onderwijs en wetenschappelijk onderwijs.
r. Open oproep: Een subsidie-instrument met een beperkte looptijd, specifiek doel, thema of een specifieke doelgroep.
s. Penvoerder: Een culturele instelling die voor zichzelf, en in samenwerking met andere (culturele) partners, een subsidieaanvraag indient. Als penvoerder is deze culturele instelling de projectleider en intermediair van het project Cultuureducatie met Kwaliteit.
t. Professional: Een natuurlijk persoon die (1) ten minste een parttime aanstelling bij een organisatie heeft, (2) vakbekwaam is door afgestudeerd te zijn aan een erkende opleiding, (3) als zelfstandige minimaal drie jaar als ondernemer wordt beschouwd door de Belastingdienst en inschreven staat bij de Kamer van Koophandel of een vergelijkbare organisatie en/of (4) financiering ontvangt van op professionals gerichte instanties zoals rijkscultuurfondsen.
u. Website van het Fonds:www.cultuurparticipatie.nl
- Citeren als
- Art. 1.1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0053096
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl