BWBR0052364
Geldig vanaf 01-08-2025
Artikel 4.1
Huishoudelijk reglement NRO 2025
1. In overeenstemming met artikel 5, derde lid, van het Convenant heeft de Prowo tot taak het inrichten van programma’s en procedures voor de verdeling van financiële middelen. De Prowo doet dit met inachtneming van de door de Stuurgroep vastgestelde meerjarenbegroting.
2. In overeenstemming met artikel 5, vijfde lid, van het Convenant neemt de Prowo besluiten omtrent:
a. het (doen) opstellen en het vaststellen van een meerjarig en samenhangend financieringsprogramma voor onderzoek;
b. het (doen) opstellen van aanvullende programma’s als daarvoor financiering aanwezig is;
c. het vaststellen van de inhoud van de Call for proposals zoals bedoeld in artikel 2.1.2 van de NWO Subsidieregeling 2024;
d. Onverminderd het bepaalde in artikel 6.3, vierde lid, van het Bestuursreglement en artikel 6.1, tweede lid, sub e, onder i, van dit huishoudelijk reglement, neemt het Prowo de besluiten inzake de toewijzing, de afwijzing, de wijziging en vaststelling van subsidies.
e. het instellen van beoordelingscommissies, programmacommissies en begeleidingscommissies, indien noodzakelijk.
3. De Prowo kan beslissingen nemen aangaande (overheids)opdrachten ten behoeve van de in lid 2 aan hem gemandateerde bevoegdheden, met inachtneming van het inkoop- en aanbestedingsbeleid van NWO.
4. De Prowo stelt jaarlijks – binnen de daarvoor door de Stuurgroep vastgestelde kaders – een jaarplan op dat hij ter accordering aan de Stuurgroep voorlegt. Hierin legt hij achteraf verantwoording af aan de Stuurgroep over zijn beleid en de bereikte resultaten en biedt hij tevens een vooruitblik op die in het komende jaar.
5. Voor zover de Prowo in de uitvoering van zijn taken beleid vaststelt of anderszins besluiten neemt betreffende het bevorderen van het benutten van kennis uit onderzoek, dan stemt de Prowo dit af met de Kennisbenuttingsraad en vice versa.
6. De directeur ondertekent de in het tweede en derde lid van dit artikel bedoelde besluiten namens de Prowo. De directeur kan hiervoor ondermandaat verlenen. Daarbij draagt de directeur er zorg voor dat het ondermandaat is opgenomen in het register zoals bedoeld in artikel 6.4 van de Bevoegdhedenregeling.
7. Bij de ondertekening neemt de directeur, dan wel de ondergemandateerde, het bepaalde in artikel 6.5 van de Bevoegdhedenregeling in acht, waarin staat bepaald dat de ondertekenaar van een besluit onder zijn handtekening diens naam en functie vermeldt en aangeeft namens wie of welk orgaan het besluit is genomen.
2. In overeenstemming met artikel 5, vijfde lid, van het Convenant neemt de Prowo besluiten omtrent:
a. het (doen) opstellen en het vaststellen van een meerjarig en samenhangend financieringsprogramma voor onderzoek;
b. het (doen) opstellen van aanvullende programma’s als daarvoor financiering aanwezig is;
c. het vaststellen van de inhoud van de Call for proposals zoals bedoeld in artikel 2.1.2 van de NWO Subsidieregeling 2024;
d. Onverminderd het bepaalde in artikel 6.3, vierde lid, van het Bestuursreglement en artikel 6.1, tweede lid, sub e, onder i, van dit huishoudelijk reglement, neemt het Prowo de besluiten inzake de toewijzing, de afwijzing, de wijziging en vaststelling van subsidies.
e. het instellen van beoordelingscommissies, programmacommissies en begeleidingscommissies, indien noodzakelijk.
3. De Prowo kan beslissingen nemen aangaande (overheids)opdrachten ten behoeve van de in lid 2 aan hem gemandateerde bevoegdheden, met inachtneming van het inkoop- en aanbestedingsbeleid van NWO.
4. De Prowo stelt jaarlijks – binnen de daarvoor door de Stuurgroep vastgestelde kaders – een jaarplan op dat hij ter accordering aan de Stuurgroep voorlegt. Hierin legt hij achteraf verantwoording af aan de Stuurgroep over zijn beleid en de bereikte resultaten en biedt hij tevens een vooruitblik op die in het komende jaar.
5. Voor zover de Prowo in de uitvoering van zijn taken beleid vaststelt of anderszins besluiten neemt betreffende het bevorderen van het benutten van kennis uit onderzoek, dan stemt de Prowo dit af met de Kennisbenuttingsraad en vice versa.
6. De directeur ondertekent de in het tweede en derde lid van dit artikel bedoelde besluiten namens de Prowo. De directeur kan hiervoor ondermandaat verlenen. Daarbij draagt de directeur er zorg voor dat het ondermandaat is opgenomen in het register zoals bedoeld in artikel 6.4 van de Bevoegdhedenregeling.
7. Bij de ondertekening neemt de directeur, dan wel de ondergemandateerde, het bepaalde in artikel 6.5 van de Bevoegdhedenregeling in acht, waarin staat bepaald dat de ondertekenaar van een besluit onder zijn handtekening diens naam en functie vermeldt en aangeeft namens wie of welk orgaan het besluit is genomen.
- Citeren als
- Art. 4.1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0052364
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl