BWBR0051453
Geldig vanaf 2025-09-03
Artikel 5.6
Mandaatbesluit BZK 2025
1. Het mandaat van de directeur-generaal met betrekking tot het aangaan van financiële verplichtingen en het doen van uitgaven is beperkt tot het budget dat aan de directeur-generaal ter beschikking is gesteld op basis van een door de secretaris-generaal en de directeur FEZ goedgekeurde budgettaire uitwerking van dat deel van de begroting waarvoor de directeur-generaal verantwoordelijk is, met een maximumbedrag per (meerjarige) verplichting als vermeld in de bijlage 1van dit besluit.
2. De directeur-generaal is bevoegd om in afwijking van het eerste lid financiële verplichtingen aan te gaan en uitgaven te doen, voor zover aan hem daartoe uitdrukkelijk en schriftelijk mandaat is verleend door een bewindspersoon of de secretaris-generaal, met instemming van de directeur FEZ.
3. De directeur-generaal legt over het door hem gevoerde financiële beheer verantwoording af aan de secretaris-generaal.
2. De directeur-generaal is bevoegd om in afwijking van het eerste lid financiële verplichtingen aan te gaan en uitgaven te doen, voor zover aan hem daartoe uitdrukkelijk en schriftelijk mandaat is verleend door een bewindspersoon of de secretaris-generaal, met instemming van de directeur FEZ.
3. De directeur-generaal legt over het door hem gevoerde financiële beheer verantwoording af aan de secretaris-generaal.