BWBR0051326
Geldig vanaf 2025-07-26
Artikel 21
Algemeen organisatiebesluit Defensie 2025
De Inspecteur-Generaal Veiligheid is belast met:
a. het met inachtneming van de administratieve aanwijzingen van de Plaatsvervangend Secretaris-Generaal en de Minister van Defensie geven van ambtelijke leiding aan de Inspectie Veiligheid Defensie;
b. het toezicht op de taakuitvoering op het gebied van veiligheid – waaronder de naleving van wet- en regelgeving – bij Defensie in binnen- en buitenland, met inbegrip van operaties in missiegebieden;
c. het instellen en leiden van onderzoeken naar ernstige voorvallen en overige voorvallen, ter beoordeling van de Inspecteur-Generaal;
d. het ex ante toetsen van uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van beleidsvoornemens en voorgenomen wet- en regelgeving op het gebied van veiligheid;
e. het gevraagd en ongevraagd adviseren van de Minister van Defensie ten aanzien van alle vraagstukken de veiligheid betreffende.
a. het met inachtneming van de administratieve aanwijzingen van de Plaatsvervangend Secretaris-Generaal en de Minister van Defensie geven van ambtelijke leiding aan de Inspectie Veiligheid Defensie;
b. het toezicht op de taakuitvoering op het gebied van veiligheid – waaronder de naleving van wet- en regelgeving – bij Defensie in binnen- en buitenland, met inbegrip van operaties in missiegebieden;
c. het instellen en leiden van onderzoeken naar ernstige voorvallen en overige voorvallen, ter beoordeling van de Inspecteur-Generaal;
d. het ex ante toetsen van uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van beleidsvoornemens en voorgenomen wet- en regelgeving op het gebied van veiligheid;
e. het gevraagd en ongevraagd adviseren van de Minister van Defensie ten aanzien van alle vraagstukken de veiligheid betreffende.