BWBR0051035
Geldig vanaf 2025-05-15
Artikel LIIa
Verzamelwet Justitie en Veiligheid en Asiel en Migratie 2025
1. De benoeming van een deskundig lid of plaatsvervanger als bedoeld in artikel 66, vierde lid, of 67, vierde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie, die vóór het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XXXIVais benoemd en vóór dat tijdstip de leeftijd van zeventig jaren heeft bereikt, blijft van kracht tot:
a. de eerste dag van de maand volgende op die waarin het deskundig lid of de plaatsvervanger de leeftijd van drieënzeventig jaren heeft bereikt, of
b. het in het benoemingsbesluit genoemde tijdstip, indien dat tijdstip ligt vóór het in onderdeel a bedoelde tijdstip.
2. In het geval, bedoeld in het eerste lid, onder a, vindt het ontslag plaats bij koninklijk besluit.
a. de eerste dag van de maand volgende op die waarin het deskundig lid of de plaatsvervanger de leeftijd van drieënzeventig jaren heeft bereikt, of
b. het in het benoemingsbesluit genoemde tijdstip, indien dat tijdstip ligt vóór het in onderdeel a bedoelde tijdstip.
2. In het geval, bedoeld in het eerste lid, onder a, vindt het ontslag plaats bij koninklijk besluit.