BWBR0050282
Geldig vanaf 2024-10-10
Artikel 8
Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties kleinere sectoren
1. De in artikel 7, onderdeel a, bedoelde bijdrage bedraagt:
a. 100% van de gecorrigeerde vervangingswaarde van de voor de veehouderij met diersoorten behorend tot kleinere sectoren op de veehouderijlocatie gebruikte productiecapaciteit, voor zover het een veehouderijlocatie betreft met een stikstofvracht als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a;
b. 120% van de gecorrigeerde vervangingswaarde van de voor de veehouderij met diersoorten behorend tot kleinere sectoren op de veehouderijlocatie gebruikte productiecapaciteit, voor zover het een veehouderijlocatie betreft met een stikstofvracht als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b;
behoudens voor zover ontheffing van de verplichting tot afbraak en verwijdering van de productiecapaciteit is verleend op grond van artikel 5, tweede lid.
2. De gecorrigeerde vervangingswaarde, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald door per dierenverblijf het aantal m 2van het dierenverblijf te vermenigvuldigen met het bedrag dat in bijlage 3is vermeld voor het desbetreffende dierenverblijf, uitgaand van de levensduur, uitgedrukt in jaren en maanden, van de romp van het dierenverblijf op het tijdstip dat is voldaan aan de vereisten, vermeld in artikel 5, eerste lid, onderdelen a en b.
3. De in artikel 7, onderdeel b, bedoelde bijdrage wordt bepaald door per dierenverblijf het aantal m 2van het dierenverblijf te vermenigvuldigen met € 45,–.
a. 100% van de gecorrigeerde vervangingswaarde van de voor de veehouderij met diersoorten behorend tot kleinere sectoren op de veehouderijlocatie gebruikte productiecapaciteit, voor zover het een veehouderijlocatie betreft met een stikstofvracht als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a;
b. 120% van de gecorrigeerde vervangingswaarde van de voor de veehouderij met diersoorten behorend tot kleinere sectoren op de veehouderijlocatie gebruikte productiecapaciteit, voor zover het een veehouderijlocatie betreft met een stikstofvracht als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b;
behoudens voor zover ontheffing van de verplichting tot afbraak en verwijdering van de productiecapaciteit is verleend op grond van artikel 5, tweede lid.
2. De gecorrigeerde vervangingswaarde, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald door per dierenverblijf het aantal m 2van het dierenverblijf te vermenigvuldigen met het bedrag dat in bijlage 3is vermeld voor het desbetreffende dierenverblijf, uitgaand van de levensduur, uitgedrukt in jaren en maanden, van de romp van het dierenverblijf op het tijdstip dat is voldaan aan de vereisten, vermeld in artikel 5, eerste lid, onderdelen a en b.
3. De in artikel 7, onderdeel b, bedoelde bijdrage wordt bepaald door per dierenverblijf het aantal m 2van het dierenverblijf te vermenigvuldigen met € 45,–.