BWBR0050282
Geldig vanaf 2024-10-10
Artikel 4
Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties kleinere sectoren
1. De minister kan een veehouder die een veehouderij met diersoorten behorend tot kleinere sectoren drijft, op aanvraag subsidie verstrekken voor de onomkeerbare sluiting van een veehouderijlocatie indien:
a. de stikstofvracht die deze locatie op een overbelast Natura 2000-gebied veroorzaakt ten minste gelijk is aan de minimale stikstofvracht die voor dat gebied is vermeld in bijlage 1; of
b. de stikstofvracht die deze locatie veroorzaakt ten minste 2.500 mol stikstof per jaar bedraagt.
2. Het eerste lid, onderdeel b, geldt niet voor een veehouderijlocatie met vleeskalveren.
3. Het eerste lid geldt alleen voor een veehouderij die voldoet aan de in artikel 2, eerste lid, van bijlage I bij Verordening (EU) nr. 2472/2022vastgestelde criteria.
a. de stikstofvracht die deze locatie op een overbelast Natura 2000-gebied veroorzaakt ten minste gelijk is aan de minimale stikstofvracht die voor dat gebied is vermeld in bijlage 1; of
b. de stikstofvracht die deze locatie veroorzaakt ten minste 2.500 mol stikstof per jaar bedraagt.
2. Het eerste lid, onderdeel b, geldt niet voor een veehouderijlocatie met vleeskalveren.
3. Het eerste lid geldt alleen voor een veehouderij die voldoet aan de in artikel 2, eerste lid, van bijlage I bij Verordening (EU) nr. 2472/2022vastgestelde criteria.