BWBR0050207
Geldig vanaf 2024-10-01
Artikel 5
Beleidsregel vergunningverlening waterkrachtcentrales in rijkswateren 2024
1. Onverminderd de in artikel 4genoemde vereisten, kan een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale in een relevant gebied slechts verleend worden, indien het in bedrijf hebben van de waterkrachtcentrale niet leidt tot een cumulatieve vissterfte door waterkrachtcentrales van meer dan tien procent voor zalm (smolts) en schieraal in het relevante gebied. Bij deze beoordeling kunnen onherroepelijke besluiten, die vissterfteverlagend werken, worden meegewogen.
2. In afwijking van het eerste lid kan een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale in een relevant gebied verleend worden bij een cumulatieve vissterfte gelijk aan of meer dan tien procent, indien de vissterfte veroorzaakt door deze waterkrachtcentrale voor zalm (smolts) en schieraal ten hoogste 0,1 procent bedraagt en indien niet reeds vijf maal in het betreffende relevante gebied een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale is verleend met toepassing van het eerste lid.
3. Onverminderd de in artikel 4genoemde vereisten, kan een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale buiten de relevante gebieden slechts verleend worden, indien de waterkrachtcentrale ten hoogste 0,1 procent vissterfte veroorzaakt voor zalm (smolts) en schieraal in het waterlichaam waarin de waterkrachtcentrale is gelegen en indien in dat waterlichaam niet reeds een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale is verleend.
4. Dit artikel is niet van toepassing op de beoordeling van de aanvragen om een omgevingsvergunning in de volgende in <a href="/wet/BWBR0041278" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">bijlage II bij artikel 3.1 van het Omgevingsbesluit</a>genoemde hoofdwateren:
− het kanaal van Gent naar Terneuzen,
− het kanaal door Zuid-Beveland,
− het Bathse Spuikanaal,
− de Schelde-Rijnverbinding,
− het Lekkanaal,
− het Afgesloten IJ,
− de Twentekanalen,
− het Zwarte Water,
− het Zwolle-IJsselkanaal,
− het Verbindingskanaal Bossche Veld,
− het Afleidingskanaal Maastricht,
− de Zuid-Willemsvaart (Limburgse tak en Brabantse tak),
− het Heusdensch Kanaal,
− het Julianakanaal,
− het Lateraal kanaal,
− het Maas-Waalkanaal,
− het Kanaal van St. Andries,
− het Wilhelminakanaal, met inbegrip van de Amertak, en
− het Kanaal Wessem-Nederweert.
2. In afwijking van het eerste lid kan een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale in een relevant gebied verleend worden bij een cumulatieve vissterfte gelijk aan of meer dan tien procent, indien de vissterfte veroorzaakt door deze waterkrachtcentrale voor zalm (smolts) en schieraal ten hoogste 0,1 procent bedraagt en indien niet reeds vijf maal in het betreffende relevante gebied een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale is verleend met toepassing van het eerste lid.
3. Onverminderd de in artikel 4genoemde vereisten, kan een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale buiten de relevante gebieden slechts verleend worden, indien de waterkrachtcentrale ten hoogste 0,1 procent vissterfte veroorzaakt voor zalm (smolts) en schieraal in het waterlichaam waarin de waterkrachtcentrale is gelegen en indien in dat waterlichaam niet reeds een omgevingsvergunning voor een waterkrachtcentrale is verleend.
4. Dit artikel is niet van toepassing op de beoordeling van de aanvragen om een omgevingsvergunning in de volgende in <a href="/wet/BWBR0041278" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">bijlage II bij artikel 3.1 van het Omgevingsbesluit</a>genoemde hoofdwateren:
− het kanaal van Gent naar Terneuzen,
− het kanaal door Zuid-Beveland,
− het Bathse Spuikanaal,
− de Schelde-Rijnverbinding,
− het Lekkanaal,
− het Afgesloten IJ,
− de Twentekanalen,
− het Zwarte Water,
− het Zwolle-IJsselkanaal,
− het Verbindingskanaal Bossche Veld,
− het Afleidingskanaal Maastricht,
− de Zuid-Willemsvaart (Limburgse tak en Brabantse tak),
− het Heusdensch Kanaal,
− het Julianakanaal,
− het Lateraal kanaal,
− het Maas-Waalkanaal,
− het Kanaal van St. Andries,
− het Wilhelminakanaal, met inbegrip van de Amertak, en
− het Kanaal Wessem-Nederweert.