BWBR0049755
Geldig vanaf 2024-06-04
Artikel 1
Instellingsbesluit Regiegroep Sociale Veiligheid in Hoger Onderwijs en Wetenschap
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. convenant: Convenant Sociale veiligheid in Hoger Onderwijs en Wetenschap 2024–2027;
b. convenantpartners: – Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
– Universiteiten van Nederland (UNL);
– Vereniging Hogescholen (VH);
– Landelijke Studentenvakbond (LSVb);
– Interstedelijk Studenten Overleg (ISO);
– Promovendi Netwerk Nederland (PNN), mede namens PostdocNL;
– Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV);
– Algemene Onderwijsbond (AOb);
– Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
– Universiteiten van Nederland (UNL);
– Vereniging Hogescholen (VH);
– Landelijke Studentenvakbond (LSVb);
– Interstedelijk Studenten Overleg (ISO);
– Promovendi Netwerk Nederland (PNN), mede namens PostdocNL;
– Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV);
– Algemene Onderwijsbond (AOb);
c. instellingen: hogeronderwijsinstelling, studentenorganisatie, promovendi-organisatie of werknemersorganisatie;
d. hogeronderwijsinstelling: hogeschool of universiteit als bedoeld in de bijlage bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
e. promovendi-organisatie: rechtspersoon die de belangen van promovendi vertegenwoordigt en die voor ten minste drie jaar financiële middelen ontvangt van een hoger onderwijsinstelling of de minister;
f. studentenorganisatie: rechtspersoon waarbinnen studenten georganiseerd zijn en die voor ten minste drie jaar financiële middelen ontvangt van een hoger onderwijsinstelling of de minister;
g. werknemersorganisatie: rechtspersoon die de belangen van werknemers vertegenwoordigt en die voor ten minste drie jaar financiële middelen ontvangt van een hoger onderwijsinstelling of de minister;
h. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
i. regiegroep: Regiegroep Sociale Veiligheid in Hoger Onderwijs en Wetenschap.
a. convenant: Convenant Sociale veiligheid in Hoger Onderwijs en Wetenschap 2024–2027;
b. convenantpartners: – Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
– Universiteiten van Nederland (UNL);
– Vereniging Hogescholen (VH);
– Landelijke Studentenvakbond (LSVb);
– Interstedelijk Studenten Overleg (ISO);
– Promovendi Netwerk Nederland (PNN), mede namens PostdocNL;
– Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV);
– Algemene Onderwijsbond (AOb);
– Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
– Universiteiten van Nederland (UNL);
– Vereniging Hogescholen (VH);
– Landelijke Studentenvakbond (LSVb);
– Interstedelijk Studenten Overleg (ISO);
– Promovendi Netwerk Nederland (PNN), mede namens PostdocNL;
– Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV);
– Algemene Onderwijsbond (AOb);
c. instellingen: hogeronderwijsinstelling, studentenorganisatie, promovendi-organisatie of werknemersorganisatie;
d. hogeronderwijsinstelling: hogeschool of universiteit als bedoeld in de bijlage bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
e. promovendi-organisatie: rechtspersoon die de belangen van promovendi vertegenwoordigt en die voor ten minste drie jaar financiële middelen ontvangt van een hoger onderwijsinstelling of de minister;
f. studentenorganisatie: rechtspersoon waarbinnen studenten georganiseerd zijn en die voor ten minste drie jaar financiële middelen ontvangt van een hoger onderwijsinstelling of de minister;
g. werknemersorganisatie: rechtspersoon die de belangen van werknemers vertegenwoordigt en die voor ten minste drie jaar financiële middelen ontvangt van een hoger onderwijsinstelling of de minister;
h. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
i. regiegroep: Regiegroep Sociale Veiligheid in Hoger Onderwijs en Wetenschap.