BWBR0049323
Geldig vanaf 2024-02-01
Artikel 6
Beleidsregel Artikel 6
1. Er is sprake van recidive, als overtredingen van dezelfde of soortgelijke verplichtingen en verboden, als bepaald in hetzelfde artikel, artikellid of onderdeel van een artikel of artikellid als bedoeld in artikel 13.27, derde lid, van het Omgevingsbesluit, of van artikel 9.9d van het Arbeidsomstandighedenbesluiten artikel 8.29a van de Arbeidsomstandighedenregeling, aan de orde is.
2. In afwijking van het eerste lid, is bij overtreding van de in artikelen 4.9, eerste liden 4.11, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving, de in artikelen 2.5, derde lid, en 2.5a, eerste lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluiten de artikelen 2.0aen 2.0c van de Arbeidsomstandighedenregelingvervatte verplichtingen sprake van recidive in het volgende geval.
Als het boetenormbedrag, als opgenomen in tabel 1 of 2 van bijlage 1, van de volgende overtreding binnen dezelfde boetecategorie valt als het boetnormbedrag, als opgenomen in tabel 1 of 2 van bijlage 1, van de eerste overtreding. De boetecategorieën voor het bepalen van recidive van deze overtredingen zijn:
a. < € 100.000;
b. € 100.000 – € 199.000;
c. € 200.000 – € 399.999;
d. € 400.000 – € 599.999;
e. > € 600.000
3. Bij de vaststelling of sprake is van recidive van overtredingen van dezelfde of soortgelijke verplichtingen en verboden wordt bij zelfstandig opererende nevenvestigingen van rechtspersonen gehandeld alsof deze afzonderlijke ondernemingen zijn.
4. Het derde lid is niet van toepassing op ernstige overtredingen als bedoeld in artikel 13.27, tweede lid, van het Omgevingsbesluiten artikel 9.10b van het Arbeidsomstandighedenbesluit.
5. Een overtreding bij een bedrijf of inrichting, die zowel onder de Seveso-paragraven van het Besluit activiteiten leefomgevingvalt als onder het Arbeidsomstandighedenbesluit, betreft ook recidive al is de overtreding de eerste keer via het Omgevingsbesluiten de volgende keer via het Arbeidsomstandighedenbesluit of andersom gehandhaafd.
2. In afwijking van het eerste lid, is bij overtreding van de in artikelen 4.9, eerste liden 4.11, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving, de in artikelen 2.5, derde lid, en 2.5a, eerste lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluiten de artikelen 2.0aen 2.0c van de Arbeidsomstandighedenregelingvervatte verplichtingen sprake van recidive in het volgende geval.
Als het boetenormbedrag, als opgenomen in tabel 1 of 2 van bijlage 1, van de volgende overtreding binnen dezelfde boetecategorie valt als het boetnormbedrag, als opgenomen in tabel 1 of 2 van bijlage 1, van de eerste overtreding. De boetecategorieën voor het bepalen van recidive van deze overtredingen zijn:
a. < € 100.000;
b. € 100.000 – € 199.000;
c. € 200.000 – € 399.999;
d. € 400.000 – € 599.999;
e. > € 600.000
3. Bij de vaststelling of sprake is van recidive van overtredingen van dezelfde of soortgelijke verplichtingen en verboden wordt bij zelfstandig opererende nevenvestigingen van rechtspersonen gehandeld alsof deze afzonderlijke ondernemingen zijn.
4. Het derde lid is niet van toepassing op ernstige overtredingen als bedoeld in artikel 13.27, tweede lid, van het Omgevingsbesluiten artikel 9.10b van het Arbeidsomstandighedenbesluit.
5. Een overtreding bij een bedrijf of inrichting, die zowel onder de Seveso-paragraven van het Besluit activiteiten leefomgevingvalt als onder het Arbeidsomstandighedenbesluit, betreft ook recidive al is de overtreding de eerste keer via het Omgevingsbesluiten de volgende keer via het Arbeidsomstandighedenbesluit of andersom gehandhaafd.