BWBR0048944
Geldig vanaf 2023-11-25
Artikel 3
Tijdelijke stimuleringsregeling slim, veilig, doelmatig en duurzaam gebruik van mobiliteitsinfrastructuur 2023–2027
1. Met het oog op het in artikel 2genoemde doel kan de minister op aanvraag een specifieke uitkering verstrekken voor:
a. organisatorische en technische inbedding van levering van actuele en betrouwbare data voor digitale mobiliteitsdiensten en het data-gedreven uitvoeren van overheidstaken in het mobiliteitsdomein en daarop gerichte planvorming;
b. bevordering van vermindering van gebruik van het openbaar vervoer en individueel vervoer tijdens de spitsuren;
c. ondersteuning bij kennisuitwisseling en planvorming door werkgevers en advisering aan werkgevers in verband met verduurzaming en slimmer maken van woon-werkmobiliteit en zakelijk mobiliteit;
d. ondersteuning bij de uitvoering van de Fietsambitie 2022–2025;
e. ondersteuning bij het doen van onderzoek en het opstellen en laten uitvoeren van plannen ten behoeve van de ontwikkeling van keten- en deelmobiliteit;
f. advisering over en ondersteuning bij het opstellen van een regionaal plan van aanpak voor verkeer en vervoer van goederen gericht op verbetering van de bereikbaarheid en vermindering van CO2-emissie en advisering over en ondersteuning bij de uitvoering van dat plan van aanpak;
g. het realiseren van fysieke infrastructurele aanpassingen van lokale of regionale aard;
h. het verrichten van onderzoek ten behoeve van een veilig, slim en duurzaam gebruik van lokale en regionale mobiliteitsinfrastructuur;
i. ondersteuning, organisatie en uitvoering van een aanpak, gericht op het gebiedsgericht beperken van de hinder van infrastructurele werkzaamheden door in te zetten op slim plannen en slim reizen;
j. de ondersteuning van het samenwerkingsverband ‘Clean Energy Hubs’ gericht op de uitrol van alternatieve laad- en tankinfrastructuur in NL.
2. De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, maken deel uit van een maatregel of maatregelenpakket waarover in een afsprakenlijst afspraken over de financiering zijn gemaakt en voldoen aan de volgende criteria:
a. ze dienen een nationaal belang;
b. ze hebben uitsluitend betrekking op de aanleg, de aanpassing of het gebruik van lokale of regionale mobiliteitsinfrastructuur;
c. ze komen niet in aanmerking voor een specifieke uitkering op grond van de Regeling specifieke uitkeringen lokale en regionale MIRT-projecten en MIRT-projectpakketten.
a. organisatorische en technische inbedding van levering van actuele en betrouwbare data voor digitale mobiliteitsdiensten en het data-gedreven uitvoeren van overheidstaken in het mobiliteitsdomein en daarop gerichte planvorming;
b. bevordering van vermindering van gebruik van het openbaar vervoer en individueel vervoer tijdens de spitsuren;
c. ondersteuning bij kennisuitwisseling en planvorming door werkgevers en advisering aan werkgevers in verband met verduurzaming en slimmer maken van woon-werkmobiliteit en zakelijk mobiliteit;
d. ondersteuning bij de uitvoering van de Fietsambitie 2022–2025;
e. ondersteuning bij het doen van onderzoek en het opstellen en laten uitvoeren van plannen ten behoeve van de ontwikkeling van keten- en deelmobiliteit;
f. advisering over en ondersteuning bij het opstellen van een regionaal plan van aanpak voor verkeer en vervoer van goederen gericht op verbetering van de bereikbaarheid en vermindering van CO2-emissie en advisering over en ondersteuning bij de uitvoering van dat plan van aanpak;
g. het realiseren van fysieke infrastructurele aanpassingen van lokale of regionale aard;
h. het verrichten van onderzoek ten behoeve van een veilig, slim en duurzaam gebruik van lokale en regionale mobiliteitsinfrastructuur;
i. ondersteuning, organisatie en uitvoering van een aanpak, gericht op het gebiedsgericht beperken van de hinder van infrastructurele werkzaamheden door in te zetten op slim plannen en slim reizen;
j. de ondersteuning van het samenwerkingsverband ‘Clean Energy Hubs’ gericht op de uitrol van alternatieve laad- en tankinfrastructuur in NL.
2. De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, maken deel uit van een maatregel of maatregelenpakket waarover in een afsprakenlijst afspraken over de financiering zijn gemaakt en voldoen aan de volgende criteria:
a. ze dienen een nationaal belang;
b. ze hebben uitsluitend betrekking op de aanleg, de aanpassing of het gebruik van lokale of regionale mobiliteitsinfrastructuur;
c. ze komen niet in aanmerking voor een specifieke uitkering op grond van de Regeling specifieke uitkeringen lokale en regionale MIRT-projecten en MIRT-projectpakketten.