BWBR0048340
Geldig vanaf 2023-09-15
Artikel 9
Regeling kansrijke wijk
1. Voor het hoofdthema ontwikkeling van het jonge kind worden de uitgekeerde middelen besteed aan activiteiten binnen het stedelijk focusgebied waarmee de voorschoolse en vroegschoolse periode worden geoptimaliseerd, zodat ieder kind zich zo goed mogelijk kan ontwikkelen in de eerste belangrijke levensjaren en een goede start maakt in zijn schoolloopbaan.
2. Onder de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, worden in ieder geval verstaan:
a. activiteiten voor ouders van kinderen die behoren tot de doelgroep bedoeld in artikel 160, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de Wet op het primair onderwijs, met als doel de ouders te ondersteunen bij de ontwikkeling van hun kinderen;
b. activiteiten ter bevordering van de deelname aan voorschoolse educatie;
c. vakinhoudelijke trainingen en coaching op de werkvloer voor pedagogisch medewerkers in de voorschoolse educatie en voor leerkrachten in groep 1, 2 en 3;
d. het vergoeden van personeelskosten voor de vervanging van pedagogisch medewerkers in de voorschoolse educatie en leerkrachten in groep 1, 2 en 3 die deelnemen aan een door de gemeente georganiseerde training als bedoeld onder c;
e. het vergoeden van personeelskosten voor de inzet van een onderwijsassistent of pedagogisch medewerker in groep 1 en 2, naast de reguliere leerkracht.
3. De onderwijsassistent, bedoeld in eerste lid, beschikt ten minste over een diploma van een vakopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onder c, van de Wet educatie en beroepsonderwijs.
4. De maximale hoogte van de uitkering inclusief btw per ontvangende gemeente is in de bij deze regeling behorende bijlage opgenomen.
2. Onder de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, worden in ieder geval verstaan:
a. activiteiten voor ouders van kinderen die behoren tot de doelgroep bedoeld in artikel 160, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de Wet op het primair onderwijs, met als doel de ouders te ondersteunen bij de ontwikkeling van hun kinderen;
b. activiteiten ter bevordering van de deelname aan voorschoolse educatie;
c. vakinhoudelijke trainingen en coaching op de werkvloer voor pedagogisch medewerkers in de voorschoolse educatie en voor leerkrachten in groep 1, 2 en 3;
d. het vergoeden van personeelskosten voor de vervanging van pedagogisch medewerkers in de voorschoolse educatie en leerkrachten in groep 1, 2 en 3 die deelnemen aan een door de gemeente georganiseerde training als bedoeld onder c;
e. het vergoeden van personeelskosten voor de inzet van een onderwijsassistent of pedagogisch medewerker in groep 1 en 2, naast de reguliere leerkracht.
3. De onderwijsassistent, bedoeld in eerste lid, beschikt ten minste over een diploma van een vakopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onder c, van de Wet educatie en beroepsonderwijs.
4. De maximale hoogte van de uitkering inclusief btw per ontvangende gemeente is in de bij deze regeling behorende bijlage opgenomen.