BWBR0047683
Geldig vanaf 2023-01-01
Artikel 2.4
Beleidsregel verlagen subsidie GLB
1. Indien in een beheeractiviteit is opgenomen dat die activiteit op een bepaald minimumpercentage van het leefgebied uitgevoerd moet worden en het agrarisch collectief hieraan niet voldoet, dan wordt de subsidiabele omvang van dat leefgebied voor het betreffende kalenderjaar door het bevoegd gezag zodanig verlaagd dat de oppervlakte waarop de betreffende beheeractiviteit is uitgevoerd gelijk is aan het vereiste minimumpercentage van het leefgebied.
2. Voor de berekening of de beheeractiviteit op het vereiste minimumpercentage is uitgevoerd tellen beheeractiviteiten waarvan de wijziging of melding is gedaan na de in de derde kolom van bijlage 2gestelde termijn niet mee.
3. Na de toepassing van het eerste en tweede lid wordt door het bevoegd gezag voor de betreffende beheeractiviteit een administratieve sanctie opgelegd die wordt berekend door het aantal hectares van het leefgebied dat niet langer subsidiabel is te vermenigvuldigen met:
a. de maximale vergoeding voor die beheeractiviteit, of,
b. indien de betreffende beheeractiviteit meerdere minimum- of maximumpercentages kent en binnen een dergelijke groep verschillende maximale vergoedingen zijn vastgesteld, het bedrag als bedoeld in bijlage 4, onderdeel b, van de SVNL2016.
4. Indien in een beheeractiviteit is opgenomen dat die activiteit op niet meer dan een bepaald maximumpercentage van het leefgebied uitgevoerd mag worden en het agrarisch collectief dit maximumpercentage overschrijdt, dan is de betreffende beheeractiviteit niet subsidiabel voor zover die boven dat maximumpercentage is uitgevoerd.
5. Indien een beheeractiviteit meerdere minimum- of maximumpercentages kent, dan worden voor de toepassing van het eerste en vierde lid slechts die oppervlaktes bij elkaar geteld waarvoor hetzelfde minimum- én maximumpercentage geldt.
2. Voor de berekening of de beheeractiviteit op het vereiste minimumpercentage is uitgevoerd tellen beheeractiviteiten waarvan de wijziging of melding is gedaan na de in de derde kolom van bijlage 2gestelde termijn niet mee.
3. Na de toepassing van het eerste en tweede lid wordt door het bevoegd gezag voor de betreffende beheeractiviteit een administratieve sanctie opgelegd die wordt berekend door het aantal hectares van het leefgebied dat niet langer subsidiabel is te vermenigvuldigen met:
a. de maximale vergoeding voor die beheeractiviteit, of,
b. indien de betreffende beheeractiviteit meerdere minimum- of maximumpercentages kent en binnen een dergelijke groep verschillende maximale vergoedingen zijn vastgesteld, het bedrag als bedoeld in bijlage 4, onderdeel b, van de SVNL2016.
4. Indien in een beheeractiviteit is opgenomen dat die activiteit op niet meer dan een bepaald maximumpercentage van het leefgebied uitgevoerd mag worden en het agrarisch collectief dit maximumpercentage overschrijdt, dan is de betreffende beheeractiviteit niet subsidiabel voor zover die boven dat maximumpercentage is uitgevoerd.
5. Indien een beheeractiviteit meerdere minimum- of maximumpercentages kent, dan worden voor de toepassing van het eerste en vierde lid slechts die oppervlaktes bij elkaar geteld waarvoor hetzelfde minimum- én maximumpercentage geldt.