BWBR0047609
Geldig vanaf 2023-01-01
Artikel 6
Regeling specifieke uitkering randvoorwaardelijke functies jeugdhulp
1. De minister neemt jaarlijks vóór 1 februari een besluit omtrent de verlening van de specifieke uitkering voor een periode van een jaar.
2. Het besluit tot verlening vermeldt in elk geval het doel waarvoor de specifieke uitkering wordt verleend, het bedrag van de specifieke uitkering, de periode waarvoor de specifieke uitkering wordt verleend en de wijze waarop de verantwoording plaatsvindt.
3. De minister verleent bij het besluit tot verlening van de specifieke uitkering een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald.
4. In afwijking van het eerste lid, neemt de minister vóór 1 maart 2023 een besluit omtrent de verlening van de specifieke uitkering voor de jaren 2023 en 2024.
2. Het besluit tot verlening vermeldt in elk geval het doel waarvoor de specifieke uitkering wordt verleend, het bedrag van de specifieke uitkering, de periode waarvoor de specifieke uitkering wordt verleend en de wijze waarop de verantwoording plaatsvindt.
3. De minister verleent bij het besluit tot verlening van de specifieke uitkering een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald.
4. In afwijking van het eerste lid, neemt de minister vóór 1 maart 2023 een besluit omtrent de verlening van de specifieke uitkering voor de jaren 2023 en 2024.