BWBR0047596
Geldig vanaf 2023-01-01
Artikel 23
Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars
1. De subsidieontvanger is verplicht, te rekenen vanaf de datum van de dagtekening van de subsidiebeschikking:
a. de energiebesparende isolatiemaatregelen, duurzame warmteopties en de aanvullende energiebesparende maatregelen waarvoor subsidie wordt verstrekt, te laten uitvoeren binnen een termijn van vierentwintig maanden;
b. het zeer energiezuinig pakket en de centrale aansluiting op een warmtenet waarvoor subsidie wordt verstrekt, te laten uitvoeren binnen een termijn van zesendertig maanden; en
c. het installeren van basislaadinfrastructuur, te laten uitvoeren binnen een termijn van twaalf maanden na subsidieverlening.
2. Indien de uitvoering van de maatregelen binnen de termijn, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, buiten de schuld van de subsidieontvanger niet mogelijk is, kan de Minister die termijn op schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de subsidieontvanger eenmaal met ten hoogste twaalf maanden verlengen.
3. De in het kader van de subsidieverlening gevoerde administratie te bewaren tot tien belastingjaren na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling.
a. de energiebesparende isolatiemaatregelen, duurzame warmteopties en de aanvullende energiebesparende maatregelen waarvoor subsidie wordt verstrekt, te laten uitvoeren binnen een termijn van vierentwintig maanden;
b. het zeer energiezuinig pakket en de centrale aansluiting op een warmtenet waarvoor subsidie wordt verstrekt, te laten uitvoeren binnen een termijn van zesendertig maanden; en
c. het installeren van basislaadinfrastructuur, te laten uitvoeren binnen een termijn van twaalf maanden na subsidieverlening.
2. Indien de uitvoering van de maatregelen binnen de termijn, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, buiten de schuld van de subsidieontvanger niet mogelijk is, kan de Minister die termijn op schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de subsidieontvanger eenmaal met ten hoogste twaalf maanden verlengen.
3. De in het kader van de subsidieverlening gevoerde administratie te bewaren tot tien belastingjaren na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling.