BWBR0047474
Geldig vanaf 2022-11-17
Artikel 4
Regeling specifieke uitkering onderwijsroute
1. Voor de specifieke uitkering is een bedrag van in totaal € 62.488.000 beschikbaar. Het eerste deel wordt uitgekeerd in het kalenderjaar 2022 en bedraagt in totaal € 15.000.000. Het tweede deel wordt uitgekeerd in het kalenderjaar 2023 en bedraagt in totaal € 15.884.000. Het derde deel wordt uitgekeerd in kalenderjaar 2024 en bedraagt in totaal € 16.347.000. Het vierde deel wordt uitgekeerd in kalenderjaar 2025 en bedraagt in totaal € 15.257.000.
2. Het bedrag voor het kalenderjaar 2022, genoemd in het eerste lid, wordt onder gemeenten verdeeld op basis van het totaal aantal asielstatushouders in de onderwijsroute dat zich in 2022 in een gemeente heeft gehuisvest en ultimo van het jaar 2022 in de betreffende gemeente woonachtig is.
3. Het bedrag voor de kalenderjaren 2023, 2024 en 2025, genoemd in het eerste lid, wordt onder gemeenten verdeeld op basis van het totaal aantal per ultimo van het betreffende jaar gehuisveste asielstatushouder bij wie in het persoonlijke plan inburgering en participatie, bedoeld in artikel 15, derde lid, van de Wet inburgering 2021, de onderwijsroute is vastgelegd en voor wie niet eerder een bedrag is uitgekeerd op basis van deze regeling.
4. Het aantal asielstatushouders in de onderwijsroute, bedoeld in het tweede en derde lid, wordt vastgesteld aan de hand van gegevens van Dienst Uitvoering Onderwijs.
5. De beschikking met de definitieve toegekende uitkering wordt binnen zes maanden na afloop van het uitvoeringsjaar aan het college verzonden.
6. Indien de definitieve toegekende uitkering hoger is dan het voorschot wordt het verschil in één keer nabetaald en indien de definitieve toegekende uitkering lager is dan het voorschot wordt het verschil in één keer teruggevorderd.
2. Het bedrag voor het kalenderjaar 2022, genoemd in het eerste lid, wordt onder gemeenten verdeeld op basis van het totaal aantal asielstatushouders in de onderwijsroute dat zich in 2022 in een gemeente heeft gehuisvest en ultimo van het jaar 2022 in de betreffende gemeente woonachtig is.
3. Het bedrag voor de kalenderjaren 2023, 2024 en 2025, genoemd in het eerste lid, wordt onder gemeenten verdeeld op basis van het totaal aantal per ultimo van het betreffende jaar gehuisveste asielstatushouder bij wie in het persoonlijke plan inburgering en participatie, bedoeld in artikel 15, derde lid, van de Wet inburgering 2021, de onderwijsroute is vastgelegd en voor wie niet eerder een bedrag is uitgekeerd op basis van deze regeling.
4. Het aantal asielstatushouders in de onderwijsroute, bedoeld in het tweede en derde lid, wordt vastgesteld aan de hand van gegevens van Dienst Uitvoering Onderwijs.
5. De beschikking met de definitieve toegekende uitkering wordt binnen zes maanden na afloop van het uitvoeringsjaar aan het college verzonden.
6. Indien de definitieve toegekende uitkering hoger is dan het voorschot wordt het verschil in één keer nabetaald en indien de definitieve toegekende uitkering lager is dan het voorschot wordt het verschil in één keer teruggevorderd.