BWBR0047336
Geldig vanaf 2022-10-21
Artikel 2
Regeling bekostiging WPO en WEC 2023
1. De ontwikkeling van de in deze regeling genoemde bedragen bedraagt ten opzichte van het voorgaande kalenderjaar 1,2695%.
2. Ieder bedrag in deze regeling, is voor 89,15% gevoelig voor loonontwikkelingen als bedoeld in artikel 116, negende lid, WPOen artikel 114, achtste lid, WEC, en voor 10,85% van het bedrag gevoelig voor prijsontwikkeling als bedoeld in artikel 116, elfde lid, WPO en artikel 114, tiende lid, WEC.
3. De aanpassing voor prijsontwikkeling, bedoeld in artikel 116, elfde lid, WPOen artikel 114, tiende lid, WEC, vindt plaats door de bedragen op basis van de werkelijke prijsontwikkeling voor het tweede jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de bedragen worden vastgesteld, aan te passen overeenkomstig de prijsmutatie van de netto materiële consumptie, zoals opgenomen in de Macro Economische Verkenning, die naar verwachting zal optreden tussen het prijsniveau in het eerstbedoelde jaar en het prijsniveau in het daaropvolgende jaar, alsmede aan te passen overeenkomstig de prijsmutatie van de netto materiële consumptie, zoals opgenomen in de Macro Economische Verkenning, die naar verwachting zal optreden tussen het prijsniveau in het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de bedragen worden vastgesteld en het jaar waarvoor de bedragen worden vastgesteld.
2. Ieder bedrag in deze regeling, is voor 89,15% gevoelig voor loonontwikkelingen als bedoeld in artikel 116, negende lid, WPOen artikel 114, achtste lid, WEC, en voor 10,85% van het bedrag gevoelig voor prijsontwikkeling als bedoeld in artikel 116, elfde lid, WPO en artikel 114, tiende lid, WEC.
3. De aanpassing voor prijsontwikkeling, bedoeld in artikel 116, elfde lid, WPOen artikel 114, tiende lid, WEC, vindt plaats door de bedragen op basis van de werkelijke prijsontwikkeling voor het tweede jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de bedragen worden vastgesteld, aan te passen overeenkomstig de prijsmutatie van de netto materiële consumptie, zoals opgenomen in de Macro Economische Verkenning, die naar verwachting zal optreden tussen het prijsniveau in het eerstbedoelde jaar en het prijsniveau in het daaropvolgende jaar, alsmede aan te passen overeenkomstig de prijsmutatie van de netto materiële consumptie, zoals opgenomen in de Macro Economische Verkenning, die naar verwachting zal optreden tussen het prijsniveau in het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de bedragen worden vastgesteld en het jaar waarvoor de bedragen worden vastgesteld.