BWBR0046593
Geldig vanaf 2022-04-27
Artikel 9
Regeling specifieke uitkering impulsaanpak winkelgebieden
1. Er is een Adviescommissie impulsaanpak winkelgebieden die tot taak heeft de minister te adviseren over de rangschikking van de aanvragen, op basis van rangschikkingscriteria, bedoeld in artikel 10, eerste lid.
2. De commissie bestaat uit ten minste 4 en ten hoogste 5 leden. De voorzitter en de leden zijn geen ambtenaren, werkzaam bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat.
3. De voorzitter en de leden worden door de minister benoemd en ontslagen. Zij zijn telkens opnieuw benoembaar voor de termijn, bedoeld in het vierde lid.
4. De voorzitter en de andere leden van de commissie worden door de minister voor een termijn van ten hoogste 4 jaar benoemd.
5. De adviescommissie stelt haar eigen werkwijze schriftelijk vast.
6. De adviezen van de adviescommissie gaan vergezeld van een deugdelijke motivering.
7. Een lid van de adviescommissie neemt niet deel aan de voorbereiding en vaststelling van een advies, indien hij een persoonlijk belang heeft bij de beschikking op de aanvraag.
8. De minister kan waarnemers aanwijzen, die het recht hebben de vergaderingen van de adviescommissie bij te wonen.
9. In het secretariaat van de adviescommissie wordt door de minister voorzien.
10. Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de adviescommissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de adviescommissie bewaard in het archief van dat ministerie.
11. De adviescommissie verstrekt desgevraagd aan de minister de voor de uitoefening van de taak van de minister benodigde inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van de taak van de minister redelijkerwijs nodig is.
2. De commissie bestaat uit ten minste 4 en ten hoogste 5 leden. De voorzitter en de leden zijn geen ambtenaren, werkzaam bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat.
3. De voorzitter en de leden worden door de minister benoemd en ontslagen. Zij zijn telkens opnieuw benoembaar voor de termijn, bedoeld in het vierde lid.
4. De voorzitter en de andere leden van de commissie worden door de minister voor een termijn van ten hoogste 4 jaar benoemd.
5. De adviescommissie stelt haar eigen werkwijze schriftelijk vast.
6. De adviezen van de adviescommissie gaan vergezeld van een deugdelijke motivering.
7. Een lid van de adviescommissie neemt niet deel aan de voorbereiding en vaststelling van een advies, indien hij een persoonlijk belang heeft bij de beschikking op de aanvraag.
8. De minister kan waarnemers aanwijzen, die het recht hebben de vergaderingen van de adviescommissie bij te wonen.
9. In het secretariaat van de adviescommissie wordt door de minister voorzien.
10. Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de adviescommissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de adviescommissie bewaard in het archief van dat ministerie.
11. De adviescommissie verstrekt desgevraagd aan de minister de voor de uitoefening van de taak van de minister benodigde inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van de taak van de minister redelijkerwijs nodig is.