BWBR0046536
Geldig vanaf 2022-04-09
Artikel 8
Beleidsregels ontgrondingen in rijkswateren 2022
1. Voor ontgrondingen in de Zeeuwse en Zuid-Hollandse wateren in beheer bij het Rijk en in de hiermee in open verbinding staande havens geldt multifunctionaliteit.
2. Ontgrondingen in de in het eerste lid bedoelde wateren mogen alleen plaatsvinden:
a. buiten de NAP -5 meter dieptelijn; en
b. tot de in de vergunningvoorschriften voorgeschreven maximale diepte beneden de oorspronkelijke waterbodem, die afhangt van de lokale morfologie, stroomsnelheid en veiligheid.
3. Het tweede lid is niet van toepassing op ontgrondingen ten behoeve van het mogelijk maken of verbeteren van scheepvaartfuncties.
4. Aan een vergunning als bedoeld in het eerste lid kunnen voorschriften worden verbonden ter behoud van het totale sedimentvolume in het betreffende rijkswater.
2. Ontgrondingen in de in het eerste lid bedoelde wateren mogen alleen plaatsvinden:
a. buiten de NAP -5 meter dieptelijn; en
b. tot de in de vergunningvoorschriften voorgeschreven maximale diepte beneden de oorspronkelijke waterbodem, die afhangt van de lokale morfologie, stroomsnelheid en veiligheid.
3. Het tweede lid is niet van toepassing op ontgrondingen ten behoeve van het mogelijk maken of verbeteren van scheepvaartfuncties.
4. Aan een vergunning als bedoeld in het eerste lid kunnen voorschriften worden verbonden ter behoud van het totale sedimentvolume in het betreffende rijkswater.