BWBR0046263
Geldig vanaf 14-02-2022
Artikel 4
Subsidieregeling Experiment echtscheiding
1. De dienstverlener die is toegelaten tot de matchingpoule op de wijze omschreven in bijlage 2 ontvangt overeenkomstig de bepalingen van deze regeling een vergoeding voor de verlening van bijstand in het kader van een basisrechtshulppakket.
2. Voor de toekenning van de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, komt uitsluitend in aanmerking de dienstverlener die bijstand verleent aan de rechtzoekende aan wie hij is gematcht op de wijze omschreven in bijlage 2.
3. De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, omvat:
a. de overeenkomstig deze regeling toegekende vergoeding voor het verlenen van bijstand aan de rechtzoekende op basis van een basisrechtshulppakket;
b. de overeenkomstig de artikelen 24, 25 en 27 van het Bvr vastgestelde vergoeding voor de reiskosten en het tijdverlet in verband met reizen voor de echtscheiding en de administratieve kosten;
c. de omzetbelasting die is verschuldigd over de vergoedingen, bedoeld onder a. en b.
4. Ten behoeve van de berekening van de vergoeding worden de krachtens deze regeling toegekende punten vermenigvuldigd met het basisbedrag, zoals genoemd in artikel 3, lid 1 van het Bvr.
5. De bepalingen over de financiële draagkracht van de rechtzoekende alsmede de bepalingen over de verschuldigde eigen bijdrage bij of krachtens Hoofdstuk V, afdeling 1 van de Wrb zijn van overeenkomstige toepassing.
2. Voor de toekenning van de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, komt uitsluitend in aanmerking de dienstverlener die bijstand verleent aan de rechtzoekende aan wie hij is gematcht op de wijze omschreven in bijlage 2.
3. De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, omvat:
a. de overeenkomstig deze regeling toegekende vergoeding voor het verlenen van bijstand aan de rechtzoekende op basis van een basisrechtshulppakket;
b. de overeenkomstig de artikelen 24, 25 en 27 van het Bvr vastgestelde vergoeding voor de reiskosten en het tijdverlet in verband met reizen voor de echtscheiding en de administratieve kosten;
c. de omzetbelasting die is verschuldigd over de vergoedingen, bedoeld onder a. en b.
4. Ten behoeve van de berekening van de vergoeding worden de krachtens deze regeling toegekende punten vermenigvuldigd met het basisbedrag, zoals genoemd in artikel 3, lid 1 van het Bvr.
5. De bepalingen over de financiële draagkracht van de rechtzoekende alsmede de bepalingen over de verschuldigde eigen bijdrage bij of krachtens Hoofdstuk V, afdeling 1 van de Wrb zijn van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0046263
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl