BWBR0046155
Geldig vanaf 2022-02-01
Artikel 2.2
Besluit bescherming koopvaardij
1. De scheepsbeheerder dient de aanvraag om toestemming in bij het Kustwachtcentrum.
2. Bij de aanvraag wordt aangetoond dat alle redelijkerwijs mogelijke beschermingsmaatregelen worden getroffen en dat, indien van toepassing en voor zover mogelijk, aan artikel 2.3, eerste of tweede lid, wordt voldaan.
3. Bij de aanvraag worden in ieder geval gegevens verstrekt over:
a. het type schip, het marktsegment en het accommodatieplan;
b. de lading en de verzekering van het schip en de lading;
c. de risicoanalyse;
d. de omvang van het beveiligingsteam, en
e. de prijsopgave van de vergunninghouder waarmee wordt beoogd een overeenkomst tot het verrichten van gewapende beveiligingswerkzaamheden te sluiten.
4. Onze Minister neemt binnen achtenveertig uur een besluit op de aanvraag. De uren tussen vrijdag acht uur ’s avonds en maandag acht uur ’s morgens worden hierbij niet meegerekend.
5. De toestemming kan worden geweigerd indien:
a. militaire bescherming binnen een redelijke termijn kan worden geboden;
b. niet alle redelijkerwijs mogelijke beschermingsmaatregelen zijn getroffen;
c. niet aan de criteria van artikel 2.3 is voldaan;
d. onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en deze verstrekking tot een onjuiste beschikking zou hebben geleid;
e. schorsing of intrekking van de vergunning van de in het derde lid, onderdeel e, bedoelde vergunninghouder op grond van artikel 14 van de wet wordt overwogen en in afwachting daarvan onmiddellijke weigering geboden is;
f. niet aan artikel 1.2 is voldaan, of
g. niet aan artikel 3, eerste lid, van de wet is voldaan.
6. Bij regeling van Onze Minister wordt een formulier vastgesteld met betrekking tot het tweede en derde lid.
2. Bij de aanvraag wordt aangetoond dat alle redelijkerwijs mogelijke beschermingsmaatregelen worden getroffen en dat, indien van toepassing en voor zover mogelijk, aan artikel 2.3, eerste of tweede lid, wordt voldaan.
3. Bij de aanvraag worden in ieder geval gegevens verstrekt over:
a. het type schip, het marktsegment en het accommodatieplan;
b. de lading en de verzekering van het schip en de lading;
c. de risicoanalyse;
d. de omvang van het beveiligingsteam, en
e. de prijsopgave van de vergunninghouder waarmee wordt beoogd een overeenkomst tot het verrichten van gewapende beveiligingswerkzaamheden te sluiten.
4. Onze Minister neemt binnen achtenveertig uur een besluit op de aanvraag. De uren tussen vrijdag acht uur ’s avonds en maandag acht uur ’s morgens worden hierbij niet meegerekend.
5. De toestemming kan worden geweigerd indien:
a. militaire bescherming binnen een redelijke termijn kan worden geboden;
b. niet alle redelijkerwijs mogelijke beschermingsmaatregelen zijn getroffen;
c. niet aan de criteria van artikel 2.3 is voldaan;
d. onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en deze verstrekking tot een onjuiste beschikking zou hebben geleid;
e. schorsing of intrekking van de vergunning van de in het derde lid, onderdeel e, bedoelde vergunninghouder op grond van artikel 14 van de wet wordt overwogen en in afwachting daarvan onmiddellijke weigering geboden is;
f. niet aan artikel 1.2 is voldaan, of
g. niet aan artikel 3, eerste lid, van de wet is voldaan.
6. Bij regeling van Onze Minister wordt een formulier vastgesteld met betrekking tot het tweede en derde lid.