BWBR0045669
Geldig vanaf 01-01-2022
Artikel 7
Regeling medisch-specialistische zorg
1. Een zorgtraject met subtraject ZT13 wordt door de medisch specialist (of arts-assistent, verpleegkundig specialist of physician assistant) die de poortfunctie uitvoert geopend bij een intercollegiaal consult (icc) voor een patiënt die klinisch is opgenomen waarbij één of meer verpleegdagen, klinische zorgdagen in de thuissituatie, ic-dagen (ook NICU of PICU) of verblijfsdagen ggz op een PAAZ of PUK zijn geregistreerd.
2. Een specialisme opent per klinische opname van een ander specialisme maximaal één icc zorg/subtraject (dat uit meerdere contacten kan bestaan) voor een intercollegiaal consult.
3. Wanneer na een icc de behandeling van de patiënt wordt overgenomen of resulteert in een medebehandeling, wordt geen (icc) zorg/subtraject geopend. Het zorgtype van het subtraject wordt omgezet van ZT13 naar ZT11 en de icc-diagnosecode naar de diagnosecode die hoort bij de te behandelen zorgvraag.
4. Wanneer een specialisme dat de patiënt al onder behandeling heeft, een verzoek krijgt van een ander specialisme voor een intercollegiaal consult, dan opent het eerstgenoemde specialisme een icc-zorg/subtraject naast het reeds lopende zorgtraject voor de eigen reguliere behandeling. De diagnose-combinatietabel is niet van toepassing op icc-zorg/subtrajecten.
5. Bij een dagverpleging en langdurige observatie zonder overnachting (zorgactiviteit 190091) wordt geen icc-zorg/subtraject geopend.
6. Voor een intercollegiaal consult in het kader van een transplantatiezorgvraag (exclusief hart-/long-/hartlongtransplantatie) wordt geen apart icc-zorg/subtraject geopend. De zorgactiviteit(en) voor het intercollegiale consult word(t)(en) geregistreerd in het al openstaande zorgtraject voor de transplantatiezorgvraag.
2. Een specialisme opent per klinische opname van een ander specialisme maximaal één icc zorg/subtraject (dat uit meerdere contacten kan bestaan) voor een intercollegiaal consult.
3. Wanneer na een icc de behandeling van de patiënt wordt overgenomen of resulteert in een medebehandeling, wordt geen (icc) zorg/subtraject geopend. Het zorgtype van het subtraject wordt omgezet van ZT13 naar ZT11 en de icc-diagnosecode naar de diagnosecode die hoort bij de te behandelen zorgvraag.
4. Wanneer een specialisme dat de patiënt al onder behandeling heeft, een verzoek krijgt van een ander specialisme voor een intercollegiaal consult, dan opent het eerstgenoemde specialisme een icc-zorg/subtraject naast het reeds lopende zorgtraject voor de eigen reguliere behandeling. De diagnose-combinatietabel is niet van toepassing op icc-zorg/subtrajecten.
5. Bij een dagverpleging en langdurige observatie zonder overnachting (zorgactiviteit 190091) wordt geen icc-zorg/subtraject geopend.
6. Voor een intercollegiaal consult in het kader van een transplantatiezorgvraag (exclusief hart-/long-/hartlongtransplantatie) wordt geen apart icc-zorg/subtraject geopend. De zorgactiviteit(en) voor het intercollegiale consult word(t)(en) geregistreerd in het al openstaande zorgtraject voor de transplantatiezorgvraag.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0045669
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl