BWBR0045346
Geldig vanaf 2021-07-07
Artikel 9
Regeling subsidie financiering ongedekte vaste kosten land- en tuinbouwbedrijven COVID-19
1. De getroffen onderneming vraagt de vaststelling van de subsidie met gebruikmaking van een door de minister beschikbaar gesteld middel uiterlijk aan op:
a. 28 april 2022 voor de subsidieperiodes 1 of 2;
b. 1 september 2022 voor subsidieperiode 3;
c. 29 september 2022 voor subsidieperiode 4;
d. 28 februari 2023 voor subsidieperiode 2022-1.
2. Bij de aanvraag van de vaststelling wordt in ieder geval meegezonden:
a. een opgave van de omzet in de referentieperiodes 1, 2 en 3 respectievelijk 4, voor zover geen opgave is gedaan in het kader van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19;
b. een opgave van de omzet in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1, voor zover geen opgave is gedaan in het kader van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19;
c. een opgave van de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1.
3. De opgaven, bedoeld in het tweede lid, worden als volgt ingediend:
a. indien het subsidiebedrag € 125.000 of meer bedraagt, door middel van een verklaring van een accountant over de omzet en de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1 volgens een door de minister ter beschikking gesteld model of een door de minister geaccepteerd vergelijkbaar document;
b. indien het subsidiebedrag tussen de € 25.000 en € 125.000 bedraagt, door middel van een verklaring over de omzet en de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1 van een derde deskundige op het gebied van financiële administratie of dienstverlening van buiten het bedrijf volgens een door de minister ter beschikking gesteld model of een door de minister geaccepteerd vergelijkbaar document;
c. indien het subsidiebedrag € 25.000 of minder bedraagt, door middel van een eigen verklaring over de omzet en de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1 volgens een door de minister ter beschikking gesteld model of een door de minister geaccepteerd vergelijkbaar document.
4. De subsidie wordt vastgesteld aan de hand van de berekeningswijze, bedoeld in artikel 4.
5. De subsidie wordt in ieder geval op nihil vastgesteld, indien het omzetverlies minder dan 30% bedraagt.
6. Het vijfde lid is niet van toepassing op een getroffen onderneming die voor de eerste maal is ingeschreven in het handelsregister na 29 februari 2020.
7. De minister kan de aanvrager verzoeken om nadere bewijsstukken te verstrekken.
8. De minister stelt de subsidie vast binnen 16 weken na de ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie, bedoeld in het eerste lid.
a. 28 april 2022 voor de subsidieperiodes 1 of 2;
b. 1 september 2022 voor subsidieperiode 3;
c. 29 september 2022 voor subsidieperiode 4;
d. 28 februari 2023 voor subsidieperiode 2022-1.
2. Bij de aanvraag van de vaststelling wordt in ieder geval meegezonden:
a. een opgave van de omzet in de referentieperiodes 1, 2 en 3 respectievelijk 4, voor zover geen opgave is gedaan in het kader van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19;
b. een opgave van de omzet in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1, voor zover geen opgave is gedaan in het kader van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19;
c. een opgave van de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1.
3. De opgaven, bedoeld in het tweede lid, worden als volgt ingediend:
a. indien het subsidiebedrag € 125.000 of meer bedraagt, door middel van een verklaring van een accountant over de omzet en de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1 volgens een door de minister ter beschikking gesteld model of een door de minister geaccepteerd vergelijkbaar document;
b. indien het subsidiebedrag tussen de € 25.000 en € 125.000 bedraagt, door middel van een verklaring over de omzet en de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1 van een derde deskundige op het gebied van financiële administratie of dienstverlening van buiten het bedrijf volgens een door de minister ter beschikking gesteld model of een door de minister geaccepteerd vergelijkbaar document;
c. indien het subsidiebedrag € 25.000 of minder bedraagt, door middel van een eigen verklaring over de omzet en de ongedekte vaste kosten in de subsidieperiodes 1, 2, 3 en 4 respectievelijk 2022-1 volgens een door de minister ter beschikking gesteld model of een door de minister geaccepteerd vergelijkbaar document.
4. De subsidie wordt vastgesteld aan de hand van de berekeningswijze, bedoeld in artikel 4.
5. De subsidie wordt in ieder geval op nihil vastgesteld, indien het omzetverlies minder dan 30% bedraagt.
6. Het vijfde lid is niet van toepassing op een getroffen onderneming die voor de eerste maal is ingeschreven in het handelsregister na 29 februari 2020.
7. De minister kan de aanvrager verzoeken om nadere bewijsstukken te verstrekken.
8. De minister stelt de subsidie vast binnen 16 weken na de ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie, bedoeld in het eerste lid.