BWBR0045015
Geldig vanaf 2021-04-01
Artikel 2
Eerste Regeling bekostiging personeel PO 2021–2022 en vaststelling bedragen voor ondersteuning van leerlingen in het PO en VO 2021–2022
1. De geraamde landelijk gewogen gemiddelde leeftijd op 1 oktober 2020 en de genormeerde gemiddelde personeelslasten van leraren respectievelijk van de schoolleiding van basisscholen, bedoeld in artikel 120, zesde lid, WPO, bedragen:
a. geraamde landelijk gewogen gemiddelde leeftijd: 39,51 jaar;
b. genormeerde gemiddelde personeelslasten leraar: € 72.574,27;
c. genormeerde gemiddelde personeelslasten schoolleiding: € 88.540,08.
2. Het formatiebasisbedrag respectievelijk het formatieleeftijdsbedrag, bedoeld in artikel 22, onderdeel a, respectievelijk onderdeel b, van het Besluit bekostiging WPO, is voor basisscholen:
a. formatiebasisbedrag: € 35.124,96;
b. formatieleeftijdsbedrag: € 947,84.
3. Het bedrag per leerling respectievelijk het verhogingsbedrag, bedoeld in artikel 120, eerste lid, WPObedraagt voor:
[tabel]
4. De ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van leraren van basisscholen ten opzichte van het schooljaar 2020–2021 bedraagt 0,000%. De ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van de schoolleiding van basisscholen ten opzichte van het schooljaar 2020–2021 bedraagt 0,000%.
5. In de genormeerde gemiddelde personeelslasten, bedoeld in het eerste lid is een verlaging van 0,724% verwerkt op basis van de gemiddelde inkomsten waarop de bevoegde gezagsorganen, bedoeld in de WPOgedurende het schooljaar aanspraak maken vanwege uitkeringen of toelagen als bedoeld in artikel 137, vijfde lid, WPO.
a. geraamde landelijk gewogen gemiddelde leeftijd: 39,51 jaar;
b. genormeerde gemiddelde personeelslasten leraar: € 72.574,27;
c. genormeerde gemiddelde personeelslasten schoolleiding: € 88.540,08.
2. Het formatiebasisbedrag respectievelijk het formatieleeftijdsbedrag, bedoeld in artikel 22, onderdeel a, respectievelijk onderdeel b, van het Besluit bekostiging WPO, is voor basisscholen:
a. formatiebasisbedrag: € 35.124,96;
b. formatieleeftijdsbedrag: € 947,84.
3. Het bedrag per leerling respectievelijk het verhogingsbedrag, bedoeld in artikel 120, eerste lid, WPObedraagt voor:
[tabel]
4. De ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van leraren van basisscholen ten opzichte van het schooljaar 2020–2021 bedraagt 0,000%. De ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van de schoolleiding van basisscholen ten opzichte van het schooljaar 2020–2021 bedraagt 0,000%.
5. In de genormeerde gemiddelde personeelslasten, bedoeld in het eerste lid is een verlaging van 0,724% verwerkt op basis van de gemiddelde inkomsten waarop de bevoegde gezagsorganen, bedoeld in de WPOgedurende het schooljaar aanspraak maken vanwege uitkeringen of toelagen als bedoeld in artikel 137, vijfde lid, WPO.