BWBR0044993
Geldig vanaf 2021-04-01
Artikel 6
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021
1. Een aanvraag als bedoeld in artikel 5, eerste lid, bevat in ieder geval:
a. de naam van het bevoegd gezag;
b. de contactgegevens van de contactpersoon bij het bevoegd gezag;
c. de datum van de aanvraag;
d. een projectplan met daarin een beschrijving van het doel en de activiteiten waarvoor een specifieke uitkering wordt aangevraagd en waaruit blijkt dat er voor de aanpak door het desbetreffende bevoegd gezag een dringende noodzaak is om onaanvaardbare risico’s voor mens, ecologie of van verspreiding van de verontreiniging weg te nemen; en
e. in afwijking van artikel 10, vierde lid, onderdeel b, van het Kaderbesluit subsidies I en M een korte toelichting op de doelmatigheid en doeltreffendheid van de in het projectplan opgenomen activiteiten.
2. Indien activiteiten als bedoeld in het eerste lid, worden uitgevoerd tezamen met andere decentrale overheden, zijn in het projectplan hun rol en verantwoordelijkheden uitgewerkt waaruit blijkt dat het bevoegd gezag de activiteiten uit het projectplan kan realiseren.
3. Artikel 17a van de Financiële-verhoudingswetis van overeenkomstige toepassing indien activiteiten als bedoeld in het eerste lid worden uitgevoerd door meerdere decentrale overheden.
4. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, kan worden ingediend in de periode van 1 tot en met 30 april 2021.
a. de naam van het bevoegd gezag;
b. de contactgegevens van de contactpersoon bij het bevoegd gezag;
c. de datum van de aanvraag;
d. een projectplan met daarin een beschrijving van het doel en de activiteiten waarvoor een specifieke uitkering wordt aangevraagd en waaruit blijkt dat er voor de aanpak door het desbetreffende bevoegd gezag een dringende noodzaak is om onaanvaardbare risico’s voor mens, ecologie of van verspreiding van de verontreiniging weg te nemen; en
e. in afwijking van artikel 10, vierde lid, onderdeel b, van het Kaderbesluit subsidies I en M een korte toelichting op de doelmatigheid en doeltreffendheid van de in het projectplan opgenomen activiteiten.
2. Indien activiteiten als bedoeld in het eerste lid, worden uitgevoerd tezamen met andere decentrale overheden, zijn in het projectplan hun rol en verantwoordelijkheden uitgewerkt waaruit blijkt dat het bevoegd gezag de activiteiten uit het projectplan kan realiseren.
3. Artikel 17a van de Financiële-verhoudingswetis van overeenkomstige toepassing indien activiteiten als bedoeld in het eerste lid worden uitgevoerd door meerdere decentrale overheden.
4. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, kan worden ingediend in de periode van 1 tot en met 30 april 2021.