BWBR0044993
Geldig vanaf 2021-04-01
Artikel 16
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021
1. De minister stelt de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december van het jaar waarop de desbetreffende eindverantwoording, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswetis ontvangen vast op het bedrag dat is bepaald in de verlening indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend geheel zijn verricht en daarnaast volledig is voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 8, respectievelijk artikel 13, en aan de verplichting, bedoeld in artikel 9.
2. De minister stelt de specifieke uitkering vast op een lager bedrag dan dat is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden conform de voorwaarden, bedoeld in artikel 8, respectievelijk artikel 13, en de verplichting, bedoeld in artikel 9.
2. De minister stelt de specifieke uitkering vast op een lager bedrag dan dat is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden conform de voorwaarden, bedoeld in artikel 8, respectievelijk artikel 13, en de verplichting, bedoeld in artikel 9.