BWBR0044968
Geldig vanaf 2021-03-26
Artikel 8
Tijdelijke regeling aanvullende dienstverlening
Een partij of een college van burgemeester en wethouders adviseert binnen het regionaal mobiliteitsteam de personen als bedoeld in artikel 2over de inzet van aanvullende dienstverlening. De adviserende partijen zijn, voor zover partijen hierover geen andere afspraken maken:
a. de partijen, genoemd in artikel 6, eerste lid, onderdelen c en d, voor personen als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, en personen als bedoeld in artikel 30a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI;
b. de partij, genoemd in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, voor personen als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, behoudens personen als bedoeld in artikel 30a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI;
c. een college van burgemeester en wethouders voor personen als bedoeld in artikel 2, onderdeel c.
a. de partijen, genoemd in artikel 6, eerste lid, onderdelen c en d, voor personen als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, en personen als bedoeld in artikel 30a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI;
b. de partij, genoemd in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, voor personen als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, behoudens personen als bedoeld in artikel 30a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI;
c. een college van burgemeester en wethouders voor personen als bedoeld in artikel 2, onderdeel c.