BWBR0044773
Geldig vanaf 2021-04-01
Artikel 2.1
Besluit kansspelen op afstand
1. De vergunning kan worden verleend voor het op afstand organiseren van:
a. casinospelen waarbij de spelers tegen de vergunninghouder spelen;
b. casinospelen waarbij de spelers tegen elkaar spelen;
c. weddenschappen op gebeurtenissen tijdens een sportwedstrijd of op de uitslag van een sportwedstrijd, en
d. weddenschappen op uitslagen van paardenrennen en harddraverijen, georganiseerd door of onder auspiciën van de Stichting Nederlandse Draf- en Rensport of een vergelijkbare nationale of internationale, al dan niet overkoepelende organisatie,
voor zover deze naar het oordeel van de raad van bestuur op verantwoorde, betrouwbare en controleerbare wijze worden georganiseerd.
2. De vergunning wordt niet verleend voor het op afstand organiseren van loterijen.
3. Bij regeling van Onze Minister worden nadere regels gesteld met betrekking tot de kansspelen, bedoeld in het eerste lid, en de wijze waarop deze worden georganiseerd. Daarbij worden in ieder geval:
a. nadere eisen gesteld waaraan de kansspelen, bedoeld in het eerste lid, en de organisatie daarvan moeten voldoen, en
b. wijzen aangewezen waarop kansspelen niet mogen worden georganiseerd.
4. Bij de regeling, bedoeld in het derde lid, kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de kansspelen, bedoeld in het tweede lid.
a. casinospelen waarbij de spelers tegen de vergunninghouder spelen;
b. casinospelen waarbij de spelers tegen elkaar spelen;
c. weddenschappen op gebeurtenissen tijdens een sportwedstrijd of op de uitslag van een sportwedstrijd, en
d. weddenschappen op uitslagen van paardenrennen en harddraverijen, georganiseerd door of onder auspiciën van de Stichting Nederlandse Draf- en Rensport of een vergelijkbare nationale of internationale, al dan niet overkoepelende organisatie,
voor zover deze naar het oordeel van de raad van bestuur op verantwoorde, betrouwbare en controleerbare wijze worden georganiseerd.
2. De vergunning wordt niet verleend voor het op afstand organiseren van loterijen.
3. Bij regeling van Onze Minister worden nadere regels gesteld met betrekking tot de kansspelen, bedoeld in het eerste lid, en de wijze waarop deze worden georganiseerd. Daarbij worden in ieder geval:
a. nadere eisen gesteld waaraan de kansspelen, bedoeld in het eerste lid, en de organisatie daarvan moeten voldoen, en
b. wijzen aangewezen waarop kansspelen niet mogen worden georganiseerd.
4. Bij de regeling, bedoeld in het derde lid, kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de kansspelen, bedoeld in het tweede lid.