BWBR0043602
Geldig vanaf 2020-10-22
Artikel 1
Regeling maatregelen Sars-CoV-2 bij nertsen
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
emissie-arm aanwenden van mest: het gebruik van meststoffen overeenkomstig het bij en krachtens artikel 5, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen bepaalde;
hygiëneprotocol: set praktische hygiëneregels ter bevordering van de bioveiligheid in een specifieke situatie, zoals bekendgemaakt op de website van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
mest: uitwerpselen en urine van dieren, met of zonder strooisel;
minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
nertsenhouderij: bedrijf of een gedeelte daarvan, als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van de Meststoffenwet, dienende tot het houden van nertsen, zulks beoordeeld naar de feitelijke omstandigheden;
nertsenverblijfplaats: ruimte, kooi, terrein of gebouw, met uitzondering van woonruimte, waar nertsen aanwezig zijn of gewoonlijk worden gehouden en aanverwante ruimtes waar materiaal ten behoeve van nertsen is opgeslagen of gewoonlijk wordt opgeslagen;
onderzoeksprotocol: set praktische regels over de uitvoering van bloedonderzoek of het nemen van veegmonsters in nertsenverblijfplaatsen bij nertsen, zoals bekendgemaakt op de website van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
pelsperiode: periode die eindigt op 15 december 2020;
risicogebied: gebied als bedoeld in bijlage 1;
vervoer: vervoer over de openbare weg, met of zonder vervoermiddel;
vervoermiddel: voertuig en materieel, met inbegrip van een combinatie van een voertuig en één of meer door dat voertuig voortbewogen aanhangwagens, opleggers of containers.
2. Onder vervoer wordt mede verstaan: aanvoer en afvoer.
emissie-arm aanwenden van mest: het gebruik van meststoffen overeenkomstig het bij en krachtens artikel 5, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen bepaalde;
hygiëneprotocol: set praktische hygiëneregels ter bevordering van de bioveiligheid in een specifieke situatie, zoals bekendgemaakt op de website van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
mest: uitwerpselen en urine van dieren, met of zonder strooisel;
minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
nertsenhouderij: bedrijf of een gedeelte daarvan, als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van de Meststoffenwet, dienende tot het houden van nertsen, zulks beoordeeld naar de feitelijke omstandigheden;
nertsenverblijfplaats: ruimte, kooi, terrein of gebouw, met uitzondering van woonruimte, waar nertsen aanwezig zijn of gewoonlijk worden gehouden en aanverwante ruimtes waar materiaal ten behoeve van nertsen is opgeslagen of gewoonlijk wordt opgeslagen;
onderzoeksprotocol: set praktische regels over de uitvoering van bloedonderzoek of het nemen van veegmonsters in nertsenverblijfplaatsen bij nertsen, zoals bekendgemaakt op de website van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
pelsperiode: periode die eindigt op 15 december 2020;
risicogebied: gebied als bedoeld in bijlage 1;
vervoer: vervoer over de openbare weg, met of zonder vervoermiddel;
vervoermiddel: voertuig en materieel, met inbegrip van een combinatie van een voertuig en één of meer door dat voertuig voortbewogen aanhangwagens, opleggers of containers.
2. Onder vervoer wordt mede verstaan: aanvoer en afvoer.