BWBR0041316
Geldig vanaf 2018-09-05
Artikel 3.6
Mandaatbesluit BZK 2018
1. Bij tijdelijke afwezigheid of verhindering van de secretaris-generaal worden diens taken uitgeoefend door het diensthoofd, de diensthoofden of de directeur Concernondersteuning, die bij schriftelijk besluit van de secretaris-generaal in overeenstemming met de Minister is of zijn aangewezen als plaatsvervanger.
2. Bij gebreke van voornoemd besluit of bij afwezigheid van de aangewezen plaatsvervanger(s) is één van de diensthoofden, naar anciënniteit van de benoeming in de functie, met de plaatsvervanging belast.
2. Bij gebreke van voornoemd besluit of bij afwezigheid van de aangewezen plaatsvervanger(s) is één van de diensthoofden, naar anciënniteit van de benoeming in de functie, met de plaatsvervanging belast.