BWBR0040922
Geldig vanaf 20-06-2026
Artikel 5a
Besluit energie vervoer
1. Het percentage CO2-equivalent-ketenemissiereductie van de levering tot eindverbruik sector binnenvaart, bedoeld in artikel 9.7.2.1, eerste en tweede lid, van de wet, waarbij het aantal emissiereductie-eenheden naar boven wordt afgerond, is voor het kalenderjaar:
a. 2026: 2,5 procent;
b. 2027: 5,1 procent;
c. 2028: 7,6 procent;
d. 2029: 10,2 procent;
e. 2030: 14,5 procent.
2. Invulling van het percentage met emissiereductie-eenheden anders dan met emissiereductie-eenheden van de sector binnenvaart, is toegestaan voor het kalenderjaar:
a. 2026: tot ten hoogste 0,8 procent;
b. 2027: tot ten hoogste 1,0 procent;
c. 2028: tot ten hoogste 1,5 procent;
d. 2029: tot ten hoogste 2,0 procent;
e. 2030: tot ten hoogste 2,9 procent.
3. Invulling van het percentage is niet toegestaan:
a. met emissiereductie-eenheden-conventioneel; en
b. met emissiereductie-eenheden elektriciteit en hernieuwbare brandstof van niet biologische oorsprong uit een andere sector.
4. Het percentage, ingevuld met emissiereductie-eenheden bijlage IX-B voor de kalenderjaren 2026 tot en met 2030, is ten hoogste 11,1 procent, waarbij het aantal emissiereductie-eenheden bijlage IX-B naar beneden wordt afgerond.
5. Het percentage ingevuld met emissiereductie-eenheden hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong, waarbij het aantal emissiereductie-eenheden hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong naar boven wordt afgerond, is voor het kalenderjaar:
a. 2026: ten minste 0,02 procent;
b. 2027: ten minste 0,04 procent;
c. 2028: ten minste 0,09 procent;
d. 2029: ten minste 0,17 procent;
e. 2030: ten minste 0,34 procent.
6. Bij het voldoen aan het vijfde lid, is de invulling van het percentage met raffinagereductie-eenheden toegestaan tot een bij ministeriële regeling bepaald percentage.
a. 2026: 2,5 procent;
b. 2027: 5,1 procent;
c. 2028: 7,6 procent;
d. 2029: 10,2 procent;
e. 2030: 14,5 procent.
2. Invulling van het percentage met emissiereductie-eenheden anders dan met emissiereductie-eenheden van de sector binnenvaart, is toegestaan voor het kalenderjaar:
a. 2026: tot ten hoogste 0,8 procent;
b. 2027: tot ten hoogste 1,0 procent;
c. 2028: tot ten hoogste 1,5 procent;
d. 2029: tot ten hoogste 2,0 procent;
e. 2030: tot ten hoogste 2,9 procent.
3. Invulling van het percentage is niet toegestaan:
a. met emissiereductie-eenheden-conventioneel; en
b. met emissiereductie-eenheden elektriciteit en hernieuwbare brandstof van niet biologische oorsprong uit een andere sector.
4. Het percentage, ingevuld met emissiereductie-eenheden bijlage IX-B voor de kalenderjaren 2026 tot en met 2030, is ten hoogste 11,1 procent, waarbij het aantal emissiereductie-eenheden bijlage IX-B naar beneden wordt afgerond.
5. Het percentage ingevuld met emissiereductie-eenheden hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong, waarbij het aantal emissiereductie-eenheden hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong naar boven wordt afgerond, is voor het kalenderjaar:
a. 2026: ten minste 0,02 procent;
b. 2027: ten minste 0,04 procent;
c. 2028: ten minste 0,09 procent;
d. 2029: ten minste 0,17 procent;
e. 2030: ten minste 0,34 procent.
6. Bij het voldoen aan het vijfde lid, is de invulling van het percentage met raffinagereductie-eenheden toegestaan tot een bij ministeriële regeling bepaald percentage.
- Citeren als
- Art. 5a
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0040922
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl