BWBR0040922
Geldig vanaf 20-06-2026
Artikel 10
Besluit energie vervoer
1. Elektriciteit die geleverd wordt aan de bestemmingen, bedoeld in artikel 9.7.4.1, eerste lid, onderdeel e, van de wet, kan slechts worden ingeboekt in het register door een onderneming die aangeslotene is en die:
a. een aansluiting of een bemeterd allocatiepunt heeft die uitsluitend bestemd is voor de levering van elektriciteit aan die bestemmingen en gekoppeld is aan een bemeterd leverpunt;
b. beschikt over een bemeterd leverpunt, voorzien van een geregeld meetinstrument als bedoeld in artikel 1 van de Metrologiewet, met een geldige conformiteitsverklaring als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel c, van die wet en van de voor dat meetinstrument voorgeschreven merktekens als bedoeld in artikel 8 van die wet en gekoppeld is aan een aansluiting of een bemeterd allocatiepunt; of
c. als onderneming openbaar vervoersdiensten aanbiedt en een aansluiting of een bemeterd allocatiepunt heeft die uitsluitend bestemd is voor de levering van elektriciteit aan openbaar vervoersbestemmingen.
2. Onverkort de vereisten van het eerste lid, kan elektriciteit worden ingeboekt in het register door een onderneming die:
a. elektriciteit aan wegvoertuigen of mobiele machines levert met behulp van verwisselbare accu’s, of
b. elektriciteit aan binnenschepen of zeeschepen levert met behulp van een accupakket of elektrolyt.
3. Onverkort de vereisten van het eerste lid, kan elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare bronnen, met uitzondering van energie uit biomassa, stortgas, gas van rioolzuiveringsinstallaties en biogas, die geleverd wordt aan de bestemmingen als bedoeld in artikel 9.7.4.1, eerste lid, onderdeel e, van de wet, worden ingeboekt in het register door een onderneming die:
a. met behulp van een directe lijn aan het adres van de onderneming geleverde elektriciteit uit hernieuwbare bronnen levert met een bemeterd leverpunt; of
b. elektriciteit uit hernieuwbare bronnen op hetzelfde adres van de onderneming opwekt en levert met behulp van een bemeterd leverpunt.
4. Het eerste tot en met derde lid:
a. is van toepassing op de ondernemingen die de inboekdienstverlener hebben gemachtigd;
b. is van overeenkomstige toepassing op de natuurlijke personen die de inboekdienstverlener hebben gemachtigd;
c. is niet van toepassing op een inboekdienstverlener.
5. Met ingang van 1 januari 2030 is elektriciteit die wordt geleverd met een walstroomvoorziening van inboeking als bedoeld in artikel 9.7.4.1 van de wet uitgesloten.
6. Elektriciteit die wordt geleverd aan spoorvoertuigen is van inboeking als bedoeld in artikel 9.7.4.1 van de wet uitgesloten.
7. Voor de elektriciteit als bedoeld in het derde lid die wordt ingeboekt in het register is geen exploitatiesubsidie betaald.
8. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:
a. elektriciteit die geleverd wordt met behulp van een directe lijn als bedoeld in het derde lid, onderdeel a of op dezelfde locatie opgewekte en geleverde elektriciteit zoals bedoeld in het derde lid, onderdeel b;
b. het aantonen van geleverde elektriciteit met behulp van verwisselbare accu’s als bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, of een accupakket of elektrolyt als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b;
c. de inboekdienstverlener;
d. de minimale hoeveelheid in te boeken elektriciteit door een inboeker of een inboekdienstverlener;
e. de minimale hoeveelheid machtigingen van ondernemingen of natuurlijke personen waarover een inboekdienstverlener moet beschikken; en
f. het aantonen van het voldoen aan de vereisten voor inboeken van geleverde elektriciteit door de inboekdienstverlener.
a. een aansluiting of een bemeterd allocatiepunt heeft die uitsluitend bestemd is voor de levering van elektriciteit aan die bestemmingen en gekoppeld is aan een bemeterd leverpunt;
b. beschikt over een bemeterd leverpunt, voorzien van een geregeld meetinstrument als bedoeld in artikel 1 van de Metrologiewet, met een geldige conformiteitsverklaring als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel c, van die wet en van de voor dat meetinstrument voorgeschreven merktekens als bedoeld in artikel 8 van die wet en gekoppeld is aan een aansluiting of een bemeterd allocatiepunt; of
c. als onderneming openbaar vervoersdiensten aanbiedt en een aansluiting of een bemeterd allocatiepunt heeft die uitsluitend bestemd is voor de levering van elektriciteit aan openbaar vervoersbestemmingen.
2. Onverkort de vereisten van het eerste lid, kan elektriciteit worden ingeboekt in het register door een onderneming die:
a. elektriciteit aan wegvoertuigen of mobiele machines levert met behulp van verwisselbare accu’s, of
b. elektriciteit aan binnenschepen of zeeschepen levert met behulp van een accupakket of elektrolyt.
3. Onverkort de vereisten van het eerste lid, kan elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare bronnen, met uitzondering van energie uit biomassa, stortgas, gas van rioolzuiveringsinstallaties en biogas, die geleverd wordt aan de bestemmingen als bedoeld in artikel 9.7.4.1, eerste lid, onderdeel e, van de wet, worden ingeboekt in het register door een onderneming die:
a. met behulp van een directe lijn aan het adres van de onderneming geleverde elektriciteit uit hernieuwbare bronnen levert met een bemeterd leverpunt; of
b. elektriciteit uit hernieuwbare bronnen op hetzelfde adres van de onderneming opwekt en levert met behulp van een bemeterd leverpunt.
4. Het eerste tot en met derde lid:
a. is van toepassing op de ondernemingen die de inboekdienstverlener hebben gemachtigd;
b. is van overeenkomstige toepassing op de natuurlijke personen die de inboekdienstverlener hebben gemachtigd;
c. is niet van toepassing op een inboekdienstverlener.
5. Met ingang van 1 januari 2030 is elektriciteit die wordt geleverd met een walstroomvoorziening van inboeking als bedoeld in artikel 9.7.4.1 van de wet uitgesloten.
6. Elektriciteit die wordt geleverd aan spoorvoertuigen is van inboeking als bedoeld in artikel 9.7.4.1 van de wet uitgesloten.
7. Voor de elektriciteit als bedoeld in het derde lid die wordt ingeboekt in het register is geen exploitatiesubsidie betaald.
8. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:
a. elektriciteit die geleverd wordt met behulp van een directe lijn als bedoeld in het derde lid, onderdeel a of op dezelfde locatie opgewekte en geleverde elektriciteit zoals bedoeld in het derde lid, onderdeel b;
b. het aantonen van geleverde elektriciteit met behulp van verwisselbare accu’s als bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, of een accupakket of elektrolyt als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b;
c. de inboekdienstverlener;
d. de minimale hoeveelheid in te boeken elektriciteit door een inboeker of een inboekdienstverlener;
e. de minimale hoeveelheid machtigingen van ondernemingen of natuurlijke personen waarover een inboekdienstverlener moet beschikken; en
f. het aantonen van het voldoen aan de vereisten voor inboeken van geleverde elektriciteit door de inboekdienstverlener.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0040922
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl